1. Voorgeschiedenis
2. Procedure wijziging rooilijnplan ter hoogte van de Bovenstraat 27 in Linden
3. Huidige toestand Bovenstraat ter hoogte van nummer 27 in Linden
4. Gewenste toestand Bovenstraat ter hoogte van nummer 27 in Linden
5. Contact met de aanpalende eigenaars
6. Eerdere procedures
Er zijn geen eerdere procedures op dit deel van de Bovenstraat. Deze weg werd verderop wel reeds verbreed in het kader van een wijziging van de rooilijn. De rooilijn van de atlas der buurtwegen, van het achterliggende pad 32, werd nog nooit gewijzigd.
Over het perceel 84D3 liep vroeger voetweg 40. Deze werd al in de 19de eeuw afgeschaft.
Het toetsingskader en de algemene doelstellingen ter beoordeling van het voornemen om gemeentewegen te wijzigen is opgenomen in de artikels 3 en 4 van het decreet houdende de gemeentewegen.
In de verkavelingsaanvraag wordt voorzien dat de Bovenstraat op termijn verbreed kan worden, door de rooilijn breder vast te stellen dan ze vandaag vastgelegd is, en via kosteloze grondafstand de realisatie ervan in de toekomst te kunnen waarmaken. Voor de trage weggebruiker wordt een trage verbinding vastgelegd die de Bovenstraat connecteert met het achterliggende pad 32, een voetweg uit de Atlas der Buurtwegen. Hiervoor zal een overeenkomst gemaakt worden met de verkavelaar. Op deze manier wordt zowel de veiligheid van de weggebruikers gegarandeerd ter hoogte van de Bovenstraat als deze van de trage weggebruikers door de verbinding tussen de Bovenstraat en voetweg 32.
Er werd één bezwaar ingediend tegen de verkavelingsaanvraag aan de Bovenstraat 27 en het vastleggen van het rooilijnplan voor de Bovenstraat en de trage verbinding tussen de Bovenstraat en voetweg 32 te Linden. Vermits het hier gaat om een combinatie van een omgevingsvergunningsaanvraag en een zaak der wegen (rooilijnplan), weerhouden we hier enkel de punten uit het bezwaar die relevant zijn voor de procedure volgens het gemeentewegendecreet.
In schuine druk links gealinieerd zijn opmerkingen uit het bezwaarschrift, rechtgedrukt, inspringend is het antwoord erop.
De Bovenstraat is een straat met een breedte van 3,9m. Deze volstond om de originele bebouwing te ontsluiten. Voertuigen kunnen elkaar meestal niet kruisen (omv muren, bomen, tuinen, inritten, bebouwing). De gemeente Lubbeek is zich sedert decennia bewust van deze materie en plaatste al in de jaren 1970 aan beide zijden C3 borden (verboden toegang) in beide richtingen, voor iedere bestuurder met als onderbord ‘uitgezonderd plaatselijk verkeer.’ De realisatie van de ‘Kerkenbosstraat’ heeft de verkeersintensiteit al ongezond fors laten toenemen, 8 bijkomende kavels betekenen nog eens 24 wagens erbij … Om de leefbaarheid van de Bovenstraat te behouden pleiten wij voor een reductie van 8 naar 5 kavels.
Wij vrezen een nog onveiligere mobiliteitssituatie in de Bovenstraat dan diegene die vandaag al bestaat. De verkaveling ‘Kerkenbosstraat’ die in de periode 2006-2012 gerealiseerd werd, bevat 25+1 wooneenheden. Alle in- en uitgaand verkeer dat deze verkaveling wil bereiken dient door de Bovenstraat te passeren. Initieel fungeerde de doorgang thv Bovenstraat 34 als enige in- en uitgang. Thv Kerkenbosstraat nr 15/Bovenstraat 13 werd de doorgang versperd door paaltjes. Deze zijn kort na de openstelling van de verkaveling (moedwillig?) verdwenen. De toegangsweg thv Bovenstraat 13 en thv Kerkenbosstraat 15 is uitgerust met een verkeersbord F77C wat betekent dat deze weg voorbehouden is voor het verkeerd van landbouwvoertuigen, voetgangers, fietsers, ruiters en bestuurders van speed pedelecs. In de praktijk fungeert deze ‘noodweg’ als reguliere tweede toegangsweg tot de Kerkenbosstraat. Ondanks herhaaldelijke klachten omtrent een beperkte zichtbaarheid en potentieel zeer gevaarlijke verkeerssituaties worden deze verkeersborden niet gehandhaafd door de politie.
In de verkavelingsaanvraag is een kosteloze grondafstand voorzien aan de voorzijde van het perceel, net om ervoor te zorgen dat de rooilijn van de Bovenstraat breder uitgevoerd kan worden en beter afgestemd is op de huidige en toekomstige mobiliteit ter plaatse. Het ontwerp komt dus tegemoet aan de verzuchtingen van de bezwaarindiener. Daar bovenop wordt een trage verbinding voorzien naar de achterliggende voetweg 32. Het bezwaar wordt niet weerhouden.
De toegangsweg met een breedte van 5m teneinde het achterliggend perceel te bereiken lijkt ons te krap bemeten. Comfortabel een 90° bocht maken met een grote tractor en jumbo aanhangwagen/pikdorser vereist meer ruimte.
Het bezwaar dat de voorziene toegangsweg van 5 m breed onvoldoende zou zijn voor normale landbouwactiviteiten wordt niet bijgetreden. Er bestaat geen algemene wettelijke of reglementaire bepaling die voorschrijft dat een toegang tot een achterliggend landbouwperceel breder moet zijn dan 5 m. De beoordeling dient te gebeuren in functie van het normale gebruik van het betrokken perceel en de concrete inrichting van de toegang.
De aanvraag voorziet uitdrukkelijk in een toegangsweg met een breedte van 5 m naar het achterliggende landbouwperceel. Deze breedte laat normaal landbouwverkeer in beginsel toe en waarborgt de verdere bereikbaarheid van het perceel. De bezwaarindiener toont niet concreet aan, aan de hand van specifieke voertuigafmetingen, draaicirkels, bestaande hindernissen of plaatselijke omstandigheden, waarom een vrije breedte van 5 m in dit geval onvoldoende zou zijn.
Het bezwaar blijft bijgevolg beperkt tot een algemene bewering en toont geen strijdigheid aan met de goede ruimtelijke ordening of met enige toepasselijke norm. De voorziene breedte van 5 m over het volledige tracé moet vrijblijven van afsluitingen, beplantingen, constructies, parkeerplaatsen of andere hindernissen.
In het kader van de omgevingsvergunningsaanvraag werden er adviezen gevraagd aan verschillende instanties. De adviezen die relevant zijn in het kader van het rooilijnplan, worden hier weergegeven en meegenomen in de afweging van de beslissing. De volgende instanties gaven advies;: Fluvius, Proximus, De Watergroep, Wyre. Geen van deze adviezen is van toepassing op het rooilijnplan.
Geen financiële impact
Artikel 1. Kennis te nemen van de inhoud en de behandeling van het bezwaar dat werd ingediend tegen de aanvraag tot omgevingsvergunning voor de verkaveling aan de Bovenstraat 27 te Linden.
Art. 2. Het rooilijnplan ter hoogte van de Bovenstraat 27 te Linden, opgemaakt door landmeterskantoor Artois, Mechelsesteenweg 378 te Herent, definitief vast te stellen.
Art. 3. Akkoord te gaan met de voorgestelde kosteloze grondafstand van lot 10 zoals bepaald door landmeterskantoor Artois, Mechelsesteenweg 378 te Herent.
Art. 4. Het college te gelasten met de uitvoering van dit besluit overeenkomstig art. 18 en 19 van het decreet houdende de gemeentewegen van 3 mei 2019.
Art. 5. De opdracht te geven tot opstellen van een notariële akte voor de kosteloze grondafstand van lot 10 en de opname in het openbaar domein.
Art. 6. Tegen deze beslissing kan binnen een termijn van 30 dagen een administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse regering, overeenkomstig art. 31/1 van het omgevingsdecreet.
Art. 7. Op onderhavig besluit zijn de bepalingen van het algemeen bestuurlijk toezicht, opgenomen in het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen van toepassing.