Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (artikel 286 en 302-325 DLB) geeft aan de lokale besturen de opdracht om inwoners zo veel mogelijk bij het beleid te betrekken. Elk lokaal bestuur neemt de nodige initiatieven om de participatie van inwoners te bevorderen.
Het Decreet omschrijft enerzijds een aantal gereglementeerde vormen van burgerparticipatie: Adviesraden, Beleidsvragen (schriftelijke vragen van raadsleden), Verzoekschriften (voorstellen van inwoners), Volksraadplegingen en Klachtenbehandeling.
Anderzijds beschikken lokale besturen over de vrijheid om zelf instrumenten in te zetten: Het organiseren van een enquête, een info- of participatieavond, (niet verplichte) adviesraden, … .
De regelgeving bevat dus slechts een minimumkader waarbij het lokaal bestuur de mogelijkheden van burgerparticipatie verder kan uitwerken. Het lokaal bestuur voert aldus een lokaal participatiebeleid op maat van de gemeente, en dit volgens de doelen, voorwaarden en spelregels geconcretiseerd in het participatiereglement.
Voor ons lokaal bestuur werd het participatiereglement in bijlage opgesteld. Dit reglement is niet beperkend bedoelt; het lokaal bestuur kan ook nog op andere manieren belanghebbende informeren, consulteren en betrekken.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (artikel 286 en 302-325 DLB) geeft aan de lokale besturen de opdracht om inwoners zo veel mogelijk bij het beleid te betrekken. Elk lokaal bestuur neemt de nodige initiatieven om de participatie van inwoners te bevorderen.
Huishoudelijk reglement gemeenteraad goedgekeurd in zitting van 24 juni 2025.
Huishoudelijk reglement OCMW-raad goedgekeurd in zitting van 26 augustus 2025.
Reglement klachtenbehandeling goedgekeurd door de gemeenteraad en OCMW-raad in zitting van 27 augustus 2019.
Beslissing van het college burgemeester en schepenen van 4 mei 2026 over de participatievisie.
Beslissing van het college burgemeester en schepenen van 1 juni 2026 over de participatiereglement.
Voor de start van de participatietrajecten dient een participatiereglement opgesteld te worden.
Dit reglement geeft, in toepassing van het Decreet lokaal bestuur, invulling aan een aantal vormen van inspraak, betrokkenheid en participatie van burgers en doelgroepen ten opzichten van het beleid, de besluitvorming en dienstverlening.
Geen financiële gevolgen
Artikel 1. Goedkeuring wordt verleend aan het onderstaande participatiereglement.
Participatiereglement
Artikel 1 – Doel en uitgangspunten
Dit reglement baseert zich op artikel 286 en 302-325 van het Decreet over het Lokaal Bestuur (op 22 december 2017). Het bepaalt de wijze waarop het lokaal bestuur Lubbeek de participatie van inwoners, verenigingen, organisaties en andere belanghebbenden organiseert en faciliteert.
Het participatiereglement vormt een aanvullend kader naast de bestaande decretale inspraak-, informatie- en participatiemogelijkheden zoals onder meer: openbaarheid van bestuur, verzoekschriften, klachtenbehandeling, adviesraden, meldingskanalen, openbare onderzoekende en openbaarheid van de gemeente- en OCMW-raad.
Het lokaal bestuur van Lubbeek vertrekt vanuit de democratische legitimiteit van de gemeenteraad en het college van burgemeester en schepenen, verkozen door de inwoners op basis van een duidelijke visie, vastgelegd in een meerjarenplan. Participatie heeft tot doel beleid te informeren en te verrijken, zonder afbreuk te doen aan de beslissingsbevoegdheid van de democratisch verkozen bestuursorganen.
Participatie is geen doel op zich, maar een instrument dat het lokaal bestuur kan inzetten om inzichten, aandachtspunten en lokale kennis te verzamelen. Het lokaal bestuur beslist autonoom:
Participatie verleent geen beslissingsrecht aan deelnemers en creëert geen verbintenis voor het lokaal bestuur om voorstellen, opmerkingen of adviezen over te nemen.
Dit reglement is niet beperkend bedoeld. Indien nodig kan er steeds een nieuw traject op maat worden vastgelegd om belanghebbenden te kunnen informeren, consulteren en betrekken. Het lokaal bestuur beslist, rekening houdend met de aard van het project, in welke mate participatie wordt ingezet en welke participatievorm wordt toegepast.
Artikel 2 – Definities
Participatie is de manier waarop je in relatie wil staan met de andere. Het legt de actieve betrokkenheid van de inwoners, bedrijven, verenigingen, … vast bij de voorbereiding, uitvoering en/of evaluatie van het project. Het gaat om meer dan informeren: het betekent dat inwoners, afhankelijk van het traject, inbreng kunnen leveren.
Stakeholders zijn alle personen of groepen die (on)rechtstreeks betrokken zijn bij of beïnvloed worden door een project of beleidsbeslissing.
Doelgroep is een specifieke groep die actief wordt uitgenodigd om deel te nemen aan het participatietraject.
Participatietraject is het gehele traject dat afgelegd wordt om een participatieprojecten tot een goed einde te brengen. Dit gaat vanaf de start van een project intern tot aan het einde bij de terugkoppeling naar inwoners.
Artikel 3 – Randvoorwaarden
Bij participatie wordt rekening gehouden met volgende randvoorwaarden:
Artikel 4 – Algemene spelregels
Tijdens participatietrajecten gelden volgende principes:
Het lokaal bestuur behoudt steeds de regie over:
Artikel 5 – Participatieladder
De participatieladder rangschikt participatievormen op basis van invloed van inwoners. Het bestuur kiest autonoom welke participatievorm passend is.
Zelfbeheer – Burgers organiseren en voeren uit, overheid faciliteert;
Overheidsparticipatie – burgers creëren maatschappelijke meerwaarde, overheid ondersteunt of initieert kader;
Co-creatie – gezamenlijke ontwikkeling en besluitvorming
Coproductie – uitvoering door beide partijen
Consulteren – burgers leveren meningen
Informeren – burgers worden geïnformeerd
Artikel 6 – Rolverdeling
Bij een participatietraject is het belangrijk om de rollen van elke partij duidelijk in kaart te brengen.
Het bestuur behoudt de eindverantwoordelijkheid voor alle beleidsbeslissingen. Bij het nemen van beslissingen wordt de inbreng van inwoners en stakeholders afgewogen tegen wettelijke normen, budgetten en ander beleidsdoelen.
De dienst communicatie en participatie begeleidt participatietrajecten, afhankelijk van de gekozen methodieken. De dienst is vanaf het begin betrokken tot de afronding en houdt overzicht van alle lopende trajecten. Zo kan zij adviseren over timing, prioriteit en samenwerking tussen diensten.
Medewerkers van de initiërende dienst overwegen nut en haalbaarheid van participatie en leveren inhoudelijke input. Samen met de dienst communicatie en participatie vullen zij het participatiestappenplan in en zorgen voor een duidelijk proces en heldere doelstellingen.
Stakeholders zijn personen, groepen of organisaties die een bijdrage kunnen leveren aan een project of erdoor beïnvloed worden. Dit kunnen onder meer inwoners, verenigingen, organisaties, bedrijven, jongeren of ouders zijn. Afhankelijk van het gekozen niveau op de participatieladder wordt van de doelgroep een bepaalde mate van betrokkenheid verwacht. Daarom wordt vooraf duidelijk gecommuniceerd wat stakeholders en inwoners mogen verwachten en wat er van hen verwacht wordt.
Een externe moderator kan het traject begeleiden om een neutrale, constructieve dialoog te garanderen en ervoor te zorgen dat alle stemmen gehoord worden.
Artikel 7 – Uitsluitingen
Participatie is niet verplicht bij:
Artikel 8 – Terugkoppeling en evaluatie
Na afloop van een participatietraject kan het lokaal bestuur terugkoppelen over:
Participatietrajecten kunnen intern geëvalueerd worden met het oog op:
Artikel 9 – Slotbepalingen
Dit reglement kan door de gemeenteraad worden aangepast of geëvalueerd.
Art 2. Dit reglement wordt bekend gemaakt conform artikel 285, 286 en 287 DLB en treedt in werking vanaf 10 september 2026.