De voorzitter opent de zitting op 11/08/2026 om 20:08.
Aan de commissie wordt gevraagd om de notulen van de zitting van de commissie beleidsdomeinen van 9 juni 2026 goed te keuren.
De notulen van de commissie beleidsdomeinen van 9 juni 2026 dienen goedgekeurd te worden.
De nieuwe gemeentewet.
Het decreet over het Lokaal Bestuur.
Enig artikel. De notulen van de commissie beleidsdomeinen van 9 juni 2026 worden goedgekeurd.
Elk lokaal bestuur dient de nodige initiatieven te nemen om burgerparticipatie te bevorderen. Het voorliggende participatiereglement geeft uitvoering aan deze decretale verplichting door een duidelijk kader/leidraad vast te leggen rond participatie binnen de gemeente. Naar aanleiding van de voorstelling van de participatievisie, wordt het participatiereglement voorgelegd. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het participatiereglement goed te keuren.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (artikel 286 en 302-325 DLB) geeft aan de lokale besturen de opdracht om inwoners zo veel mogelijk bij het beleid te betrekken. Elk lokaal bestuur neemt de nodige initiatieven om de participatie van inwoners te bevorderen.
Het Decreet omschrijft enerzijds een aantal gereglementeerde vormen van burgerparticipatie: Adviesraden, Beleidsvragen (schriftelijke vragen van raadsleden), Verzoekschriften (voorstellen van inwoners), Volksraadplegingen en Klachtenbehandeling.
Anderzijds beschikken lokale besturen over de vrijheid om zelf instrumenten in te zetten: Het organiseren van een enquête, een info- of participatieavond, (niet verplichte) adviesraden, … .
De regelgeving bevat dus slechts een minimumkader waarbij het lokaal bestuur de mogelijkheden van burgerparticipatie verder kan uitwerken. Het lokaal bestuur voert aldus een lokaal participatiebeleid op maat van de gemeente, en dit volgens de doelen, voorwaarden en spelregels geconcretiseerd in het participatiereglement.
Voor ons lokaal bestuur werd het participatiereglement in bijlage opgesteld. Dit reglement is niet beperkend bedoelt; het lokaal bestuur kan ook nog op andere manieren belanghebbende informeren, consulteren en betrekken.
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 (artikel 286 en 302-325 DLB) geeft aan de lokale besturen de opdracht om inwoners zo veel mogelijk bij het beleid te betrekken. Elk lokaal bestuur neemt de nodige initiatieven om de participatie van inwoners te bevorderen.
Huishoudelijk reglement gemeenteraad goedgekeurd in zitting van 24 juni 2025.
Huishoudelijk reglement OCMW-raad goedgekeurd in zitting van 26 augustus 2025.
Reglement klachtenbehandeling goedgekeurd door de gemeenteraad en OCMW-raad in zitting van 27 augustus 2019.
Beslissing van het college burgemeester en schepenen van 4 mei 2026 over de participatievisie.
Beslissing van het college burgemeester en schepenen van 1 juni 2026 over de participatiereglement.
Voor de start van de participatietrajecten dient een participatiereglement opgesteld te worden.
Dit reglement geeft, in toepassing van het Decreet lokaal bestuur, invulling aan een aantal vormen van inspraak, betrokkenheid en participatie van burgers en doelgroepen ten opzichten van het beleid, de besluitvorming en dienstverlening.
Geen financiële gevolgen
Artikel 1. Onderstaand reglement verleent goedgekeurd voor onderstaand participatiereglement.
Participatiereglement
Artikel 1 – Doel en uitgangspunten
Dit reglement baseert zich op artikel 286 en 302-325 van het Decreet over het Lokaal Bestuur (op 22 december 2017). Het bepaalt de wijze waarop het lokaal bestuur Lubbeek de participatie van inwoners, verenigingen, organisaties en andere belanghebbenden organiseert en faciliteert.
Het participatiereglement vormt een aanvullend kader naast de bestaande decretale inspraak-, informatie- en participatiemogelijkheden zoals onder meer: openbaarheid van bestuur, verzoekschriften, klachtenbehandeling, adviesraden, meldingskanalen, openbare onderzoekende en openbaarheid van de gemeente- en OCMW-raad.
Het lokaal bestuur van Lubbeek vertrekt vanuit de democratische legitimiteit van de gemeenteraad en het college van burgemeester en schepenen, verkozen door de inwoners op basis van een duidelijke visie, vastgelegd in een meerjarenplan. Participatie heeft tot doel beleid te informeren en te verrijken, zonder afbreuk te doen aan de beslissingsbevoegdheid van de democratisch verkozen bestuursorganen.
Participatie is geen doel op zich, maar een instrument dat het lokaal bestuur kan inzetten om inzichten, aandachtspunten en lokale kennis te verzamelen. Het lokaal bestuur beslist autonoom:
Participatie verleent geen beslissingsrecht aan deelnemers en creëert geen verbintenis voor het lokaal bestuur om voorstellen, opmerkingen of adviezen over te nemen.
Dit reglement is niet beperkend bedoeld. Indien nodig kan er steeds een nieuw traject op maat worden vastgelegd om belanghebbenden te kunnen informeren, consulteren en betrekken. Het lokaal bestuur beslist, rekening houdend met de aard van het project, in welke mate participatie wordt ingezet en welke participatievorm wordt toegepast.
Artikel 2 – Definities
Participatie is de manier waarop je in relatie wil staan met de andere. Het legt de actieve betrokkenheid van de inwoners, bedrijven, verenigingen, … vast bij de voorbereiding, uitvoering en/of evaluatie van het project. Het gaat om meer dan informeren: het betekent dat inwoners, afhankelijk van het traject, inbreng kunnen leveren.
Stakeholders zijn alle personen of groepen die (on)rechtstreeks betrokken zijn bij of beïnvloed worden door een project of beleidsbeslissing.
Doelgroep is een specifieke groep die actief wordt uitgenodigd om deel te nemen aan het participatietraject.
Participatietraject is het gehele traject dat afgelegd wordt om een participatieprojecten tot een goed einde te brengen. Dit gaat vanaf de start van een project intern tot aan het einde bij de terugkoppeling naar inwoners.
Artikel 3 – Randvoorwaarden
Bij participatie wordt rekening gehouden met volgende randvoorwaarden:
Artikel 4 – Algemene spelregels
Tijdens participatietrajecten gelden volgende principes:
Het lokaal bestuur behoudt steeds de regie over:
Artikel 5 – Participatieladder
De participatieladder rangschikt participatievormen op basis van invloed van inwoners. Het bestuur kiest autonoom welke participatievorm passend is.
Zelfbeheer – Burgers organiseren en voeren uit, overheid faciliteert;
Overheidsparticipatie – burgers creëren maatschappelijke meerwaarde, overheid ondersteunt of initieert kader;
Co-creatie – gezamenlijke ontwikkeling en besluitvorming
Coproductie – uitvoering door beide partijen
Consulteren – burgers leveren meningen
Informeren – burgers worden geïnformeerd
Artikel 6 – Rolverdeling
Bij een participatietraject is het belangrijk om de rollen van elke partij duidelijk in kaart te brengen.
Het bestuur behoudt de eindverantwoordelijkheid voor alle beleidsbeslissingen. Bij het nemen van beslissingen wordt de inbreng van inwoners en stakeholders afgewogen tegen wettelijke normen, budgetten en ander beleidsdoelen.
De dienst communicatie en participatie begeleidt participatietrajecten, afhankelijk van de gekozen methodieken. De dienst is vanaf het begin betrokken tot de afronding en houdt overzicht van alle lopende trajecten. Zo kan zij adviseren over timing, prioriteit en samenwerking tussen diensten.
Medewerkers van de initiërende dienst overwegen nut en haalbaarheid van participatie en leveren inhoudelijke input. Samen met de dienst communicatie en participatie vullen zij het participatiestappenplan in en zorgen voor een duidelijk proces en heldere doelstellingen.
Stakeholders zijn personen, groepen of organisaties die een bijdrage kunnen leveren aan een project of erdoor beïnvloed worden. Dit kunnen onder meer inwoners, verenigingen, organisaties, bedrijven, jongeren of ouders zijn. Afhankelijk van het gekozen niveau op de participatieladder wordt van de doelgroep een bepaalde mate van betrokkenheid verwacht. Daarom wordt vooraf duidelijk gecommuniceerd wat stakeholders en inwoners mogen verwachten en wat er van hen verwacht wordt.
Een externe moderator kan het traject begeleiden om een neutrale, constructieve dialoog te garanderen en ervoor te zorgen dat alle stemmen gehoord worden.
Artikel 7 – Uitsluitingen
Participatie is niet verplicht bij:
Artikel 8 – Terugkoppeling en evaluatie
Na afloop van een participatietraject kan het lokaal bestuur terugkoppelen over:
Participatietrajecten kunnen intern geëvalueerd worden met het oog op:
Artikel 9 – Slotbepalingen
Dit reglement kan door de gemeenteraad worden aangepast of geëvalueerd.
Art 2. Dit reglement wordt bekend gemaakt conform artikel 285, 286 en 287 DLB en treedt in werking vanaf 10 september 2026.
Om de sociale cohesie in Lubbeek verder te versterken en inwoners tijdens de donkere winterperiode op een laagdrempelige manier samen te brengen, stelt Groen voor om in elke deelgemeente een gemeenschappelijke kerstboom te plaatsen.
Buurtbewoners worden uitgenodigd om de boom samen te versieren met eigen kerstversiering. Op die manier ontstaat een ontmoetingsplaats waar inwoners elkaar leren kennen en samen bijdragen aan een warme en gezellige eindejaarssfeer.
Daarnaast kan aan elke kerstboom een "wisseldoos" worden geplaatst waarin inwoners kerstversiering kunnen achterlaten of meenemen. Zo krijgt ongebruikte versiering een tweede leven, wat bijdraagt aan duurzaamheid en hergebruik.
Kerstmis staat traditioneel in het teken van verbondenheid, solidariteit en gezelligheid. Verschillende gemeenten zetten in op initiatieven die inwoners actief betrekken bij de aankleding van de publieke ruimte.
Door in elke deelgemeente een kerstboom te plaatsen die gezamenlijk wordt versierd, creëert Lubbeek een laagdrempelig buurtinitiatief dat ontmoeting stimuleert en de betrokkenheid van inwoners vergroot. De toevoeging van een wisseldoos voor kerstversiering moedigt bovendien circulair gebruik van materialen aan en verlaagt de drempel voor deelname.
Een gelijkaardig initiatief werd met succes georganiseerd in de gemeente Oud-Heverlee, waar inwoners werden uitgenodigd om samen de kerstbomen te versieren.
Lubbeek investeert steeds meer in initiatieven die inwoners samenbrengen. De kerstmarkt is uitgegroeid tot een vaste waarde en ook de tractorenrun kende een groot succes. Een gezamenlijk kerstbomen-evenement sluit hier perfect bij aan en versterkt de eindejaarssfeer in alle deelgemeenten.
Het initiatief heeft meerdere voordelen:
het bevordert ontmoeting en sociale verbondenheid tussen buurtbewoners;
het stimuleert inwoners om actief deel te nemen aan het lokale gemeenschapsleven;
het geeft ongebruikte kerstversiering een tweede leven en draagt zo bij aan duurzaamheid;
het biedt gezinnen, kinderen en verenigingen een laagdrempelige activiteit tijdens de eindejaarsperiode;
het zorgt voor een warme en feestelijke uitstraling in elke deelgemeente.
De financiële impact blijft beperkt en is afhankelijk van de keuze voor aankoop of huur van de kerstbomen en het aantal deelgemeenten waarin ze worden geplaatst. Daarnaast dienen personeelsuren te worden voorzien voor het plaatsen, onderhouden en verwijderen van de bomen en de eventuele wisseldozen.
Door samen te werken met lokale verenigingen, vrijwilligers of buurtcomités kan een groot deel van de organisatie op een participatieve manier worden ingevuld.
Enig artikel. ONGUNSTIG ADVIES COMMISSIE BELEIDSDOMEINEN: De gemeenteraad beslist om in elke deelgemeente van Lubbeek een gemeenschappelijke kerstboom te plaatsen.
De inwoners worden uitgenodigd om deze boom gezamenlijk te versieren en de gemeente onderzoekt de mogelijkheid om hierbij een wisseldoos voor kerstversiering te voorzien, zodat buurtbewoners kerstdecoratie kunnen uitwisselen en hergebruiken.
Op die manier investeert Lubbeek in meer verbondenheid, duurzaamheid en een warme eindejaarssfeer voor alle inwoners.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om kennis te nemen van het volledige jaarverslag en de jaarrekening 2025 van de Interlokale vereniging 'Academie Regio Tienen' (ILV ART) goed te keuren.
Zoals aangegeven in de toelichting wordt aan de gemeenteraad gevraagd om kennis te nemen van het volledige jaarverslag en de jaarrekening 2025 van ILV ART goed te keuren.
Elke gemeenteraad van de deelnemende gemeentes van het ILV dienen dit binnen de 120 dagen ter goedkeuring te agenderen op de gemeenteraad. Het verslag van het beheerscomité dateert van 8 juni 2026. De gegevens werden aan de gemeente Lubbeek overgemaakt op 9 juni 2026.
Decreet lokaal bestuur
Decreet van 9 maart 2018 betreffende het deeltijds kunstonderwijs
Besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van het inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs- het decreet op het Deeltijds Kunstonderwijs van 9 maart 2018
Gemeenteraadsbeslissing van 25 februari 2020: goedkeuring van de oprichting van de Interlokale vereniging 'Academie Regio Tienen'
Gemeenteraadsbeslissing van 27 september 2022: Aanpassing overeenkomst Interlokale Vereniging 'Academie Regio Tienen'
De gemeenteraad van 25 februari 2020 keurde de oprichting van de ILV ART goed voor het inrichten van de domeinen muziek, woordkunst-drama en beeldende en audiovisuele kunsten. De overeenkomst werd aangepast bij gemeenteraadsbeslissing van 27 september 2022.
De deelnemende gemeenten zijn Kortenaken, Boutersem, Hoegaarden, Lubbeek, Glabbeek en Tielt-Winge.
De stad Tienen werd in de statutaire oprichtingsovereenkomst aangeduid als de beherende gemeente.
In deze overeenkomst staat het volgende:
§1. Het beheerscomité maakt de jaarrekening en de bijhorende verantwoordingsstukken over aan de deelnemende gemeentes uiterlijk binnen de zes maanden na afsluiting van het voorgaande werkingsjaar. Een werkingsjaar loopt van 1 januari tot en met 31 december.
§2. Samen met de jaarrekening wordt aan de deelnemende gemeentes een jaarverslag ter beschikking gesteld.
§3. De jaarrekening is goedgekeurd door de gemeenteraad indien de gewone meerderheid ze goedkeurt. Indien de gemeenteraad geen beslissing heeft genomen binnen de 120 dagen na de voorlegging, wordt de jaarrekening als goedgekeurd beschouwd.
In bijlage zijn het volledige jaarverslag en de jaarrekening 2025 van ILV ART terug te vinden, alsook het verslag van het beheerscomité van 8 juni 2026.
Artikel 1. Kennis te nemen van het jaarverslag 2025 van de Interlokale Vereniging 'Academie Regio Tienen'.
Art. 2. De jaarrekening 2025 van de Interlokale Vereniging 'Academie Regio Tienen' goed te keuren.
Art. 3. Het besluit over te maken aan de beherende gemeente Tienen.
In functie van de opstart van de Mobitwin Centrale Lubbeek wordt de dienstverleningsovereenkomst en de bijbehorende verwerkingsovereenkomst met Mpact vzw (Mobitwin) ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.
In het meerjarenplan is actie 4.1.03 Aanpak vervoersarmoede via uitbouw minder mobielen centrale opgenomen.
De minder mobielen centrale zal georganiseerd worden vanuit het Lokaal Dienstencentrum De Sleutel. Als deadline voor de opstart wordt midden september 2026 vooropgesteld.
Voor de organisatie van de dienstverlening wordt voorgesteld een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten met Mobitwin, een dienstverlening van Mpact vzw.
Op 27 juli 2027 keurde het Vast Bureau de dienstverleningsovereenkomst en de bijbehorende verwerkingsovereenkomst principieel goed met ingang van 1 september 2026 en legde deze ter goedkeuring voor aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.
Mobitwin biedt volgende ondersteuning voor de uitbouw en werking van de minder mobielen centrale:
De Mobitwin Centrale ontvangt bij de aanvang van het werkjaar een factuur voor het lidmaatschap van 132,50 EUR.
In juli wordt een voorschotfactuur voor het aantal leden en de kilometers gestuurd, waarbij de cijfers gebaseerd zijn op de cijfers van het vorige werkjaar (zelfde aantal
leden, de helft van het aantal kilometers).
In januari wordt tenslotte de afrekeningsfactuur opgemaakt na ontvangst van de cijfers van het voorbije werkjaar.
De factuur bestaat uit de volgende posten:
● Mobitwin lidmaatschap van 132,50 EUR. Dit dekt alle administratieve kosten (telefoon, mailing, Mobitwin Office, Mobitwin Calendar App). Deze vergoeding omvat ook de kosten van het werkingsmateriaal (chauffeurskaarten, kilometerboekjes, enz.);
● Bijdrage per lid. De volgende bedragen worden in rekening gebracht:
- een persoon die zich voor 30.06 inschrijft: 9 euro
- een persoon die zich na 01.07 inschrijft: 4,5 euro
- een koppel dat zich voor 30.06 inschrijft: 13,5 euro
- een koppel dat zich na 30.06 inschrijft: 6,75
● Bijdrage van € 0,035 per afgelegde kilometer voor de Omnium-verzekering (verplicht) - zie verder in de handleiding;
● Bijdrage van € 0,08 per rit voor de Centrales die de verzekering lichamelijke ongevallen hebben afgesloten (optioneel).
De nodige kredieten zijn voorzien op volgende sleutels:
- 2026/4.1.03./0959-00/6130006/OCMW/VB/IP-GEEN;
- 2026/4.1.03./0959-00/6153000/OCMW/VB/IP-GEEN;
- 2026/4.1.03./0959-00/6499020/OCMW/VB/IP-GEEN.
Enig artikel. De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt de dienstverleningsovereenkomst en de bijbehorende verwerkingsovereenkomst met Mobitwin goed met ingang van 1 september 2026.
Naar aanleiding van de opstart van de Mobitwin Centrale Lubbeek wordt het huishoudelijk reglement ter vaststelling voorgelegd aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.
Het reglement bevat de afspraken en voorwaarden voor het gebruik van de dienstverlening.
In het meerjarenplan is actie 4.1.03 Aanpak vervoersarmoede via uitbouw minder mobielen centrale opgenomen.
De minder mobielen centrale zal georganiseerd worden vanuit het Lokaal Dienstencentrum De Sleutel. Als deadline voor de opstart wordt midden september vooropgesteld. Voor de organisatie van de dienstverlening wordt een samenwerking aangegaan met Mobitwin, een dienstverlening van Mpact vzw. Deze dienstverleningsovereenkomst wordt in een afzonderlijk agendapunt ter goedkeuring voorgelegd.
Op 27 juli 2026 keurde het Vast Bureau het huishoudelijk reglement voor Mobitwin Centrale Lubbeek goed en legde het ontwerp ter goedkeuring voor aan de Raad voor Maatschappelijk Welzijn.
Om werking van de dienstverlening te kaderen is het noodzakelijk om een huishoudelijk reglement op te stellen waarin alle regels en afspraken worden opgenomen.
Het ontwerp van huishoudelijk reglement wordt ter goedkeuring voorgelegd.
De nodige kredieten zijn voorzien op volgende sleutels:
2026/4.1.03./0959-00/6130006/OCMW/VB/IP-GEEN;
2026/4.1.03./0959-00/6153000/OCMW/VB/IP-GEEN;
2026/4.1.03./0959-00/6499020/OCMW/VB/IP-GEEN.
Artikel 1. De Raad voor Maatschappelijk Welzijn keurt het huishoudelijk reglement van de Mobitwin Centrale Lubbeek als volgt goed:
Artikel 1 – Wat is een Minder Mobielen Centrale?
Mobitwin Centrale Lubbeek is een dienstverlening van het lokaal bestuur Lubbeek en vervoert mensen met een beperkt inkomen die problemen ondervinden om zich te verplaatsen. Personen die omwille van hun leeftijd, hun handicap of ziekte geen gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer of niet meer zelf met de auto kunnen rijden, kunnen in aanmerking komen voor de Minder Mobielen Centrale.
De Mobitwin Centrale Lubbeek heeft als doel:
- het aanbieden van aangepast vervoer voor minder mobiele inwoners;
- het bevorderen van sociale inclusie en zelfredzaamheid;
- het ondersteunen van verplaatsingen voor medische, sociale en administratieve doeleinden.
Mobitwin Centrale Lubbeek is een dienst die vanuit het lokaal bestuur Lubbeek wordt gecoördineerd.
Het vervoer gebeurt meestal om sociale of medische redenen: familiebezoek, boodschappen doen, bank, dokter, tandarts, begrafenis, enz.
Alle chauffeurs van Mobitwin Centrale Lubbeek zijn vrijwilligers. Zij zetten zich belangeloos in voor het vervoer en hebben daarbij geen financieel of materieel gewin.
Onze vrijwilligers hebben een signaalfunctie. Indien ze een verhoogde kwetsbaarheid bij gebruikers vaststellen, die aanleiding kan geven tot levensbedreigende situaties of mensonwaardige levensomstandigheden, dienen zij dit te melden aan de verantwoordelijke.
De verantwoordelijke zal dan contact opnemen met de gebruiker, zijn/haar contactpersoon of hulpverleners om samen naar een oplossing te zoeken.
Artikel 2 – Voorwaarden voor lidmaatschap
Inwoners van de gemeente Lubbeek komen in aanmerking voor het vrijwilligersvervoer van Mobitwin Centrale Lubbeek indien zij aan alle volgende voorwaarden voldoen:
Minstens 65 jaar zijn.
Personen jonger dan 65 jaar kunnen eveneens gebruikmaken van de dienstverlening indien zij door ziekte, handicap of andere mobiliteitsproblemen niet in staat zijn zich zelfstandig te verplaatsen;
Voor het gevraagde traject is geen passend openbaar vervoer beschikbaar of onvoldoende toegankelijk voor de gebruiker;
Niet in het bezit zijn van een eigen wagen of kan er op het moment van de aanvraag geen gebruik van maken;
Het inkomen van de aanvrager niet hoger is dan tweemaal het leefloon van de categorie waaronder de gebruiker valt.
Artikel 3 – Aansluiting als lid
Bij elke aanvraag wordt nagegaan of aan de voorwaarden is voldaan. Na goedkeuring wordt een inschrijfformulier opgemaakt en ondertekent de gebruiker het reglement. Vervolgens ontvangt de aanvrager een lidkaart van Mobitwin Centrale Lubbeek.
Artikel 4 – Lidgeld
Het lidgeld bedraagt 18,00 euro per kalenderjaar en 9,00 euro bij aansluiting vanaf 1 juli.
Voor gehuwden of wettelijk samenwonenden bedraagt het lidgeld 27,00 euro per kalenderjaar en 13,50 euro bij aansluiting vanaf 1 juli.
De lidgelden worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de gezondheidsindex. Lidmaatschap geeft toegang tot de dienstverlening maar geeft geen garantie op beschikbaarheid.
Artikel 5 – Hernieuwing van het lidmaatschap
De lidmaatschappen worden jaarlijks herzien. Actieve leden ontvangen een uitnodiging met de vraag of ze hun lidmaatschap wensen te verlengen.
Artikel 6 – Aanvraag van een rit
Elke rit dient minstens 2 werkdagen op voorhand aangevraagd te worden. Werkdagen zijn maandag tot en met vrijdag, met uitzondering van wettelijke feestdagen en sluitingsdagen van het Lokaal Dienstencentrum. (vb. op maandag vervoer wensen is dit ten allerlaatste de voorafgaande donderdag aan te vragen, vervoer op dinsdag is ten laatste op vrijdag aanvragen). Aanvragen gebeuren telefonisch of via e-mail tijdens de contacturen zoals vermeld in artikel 12. Aanvragen die buiten deze contacturen worden ontvangen, worden geregistreerd op de eerstvolgende werkdag.
De registratie van een aangevraagde rit biedt geen garantie dat de rit wordt uitgevoerd. Indien de rit niet uitgevoerd kan worden, wordt dit telefonisch meegedeeld.
Dringende aanvragen worden enkel behandeld indien capaciteit beschikbaar is.
Alle ritten verlopen via de Mobitwin Centrale Lubbeek. Het is niet toegestaan rechtstreeks afspraken te maken met vrijwilligers.
Artikel 7 – Voorwaarden voor een ritaanvraag
Ritten kunnen plaatsvinden tussen 07.00 uur en 22.00 uur
Bij de aanvraag moeten alle bestemmingen worden meegedeeld. Mobitwin Centrale Lubbeek is actief binnen Lubbeek en omliggende gemeenten.
Verplaatsingen buiten de regio zijn mogelijk mits motivatie en beschikbaarheid.
Er geldt een maximum van 3 ritten per week per persoon, behalve voor medische behandelingen.
Vervoer van een opvouwbare rolstoel of rollator moet vooraf gemeld worden en moet passen in de koffer van een personenwagen.
De dienst voorziet enkel vervoer van deur tot deur. Zij staat niet in voor verdere verplaatsing op de bestemming zelf. De gebruiker dient hiervoor zelf een begeleider mee te nemen.
Begeleiders dienen altijd bij de aanvraag te worden doorgeven. Begeleiders die geen lid zijn van Mobitwin Centrale Lubbeek, zijn niet gedekt door de verzekering “Burgerlijke Aansprakelijkheid”.
Bij iedere reservatie worden volgende gegevens vermeld:
- naam en lidnummer;
- datum en uur van vertrek;
- bestemming en reden van verplaatsing;
- eventuele begeleiding of hulpmiddelen.
Bij beperkte capaciteit gelden volgende prioriteiten:
1.Medische afspraken
2.Essentiële verplaatsingen (bv. administratie, zorg)
3.Sociale activiteiten
Artikel 8 – Annuleren van een rit
Een rit dient uiterlijk 1 werkdag vooraf telefonisch geannuleerd te worden binnen de contacturen zoals vermeld in artikel 12. Werkdagen zijn maandag tot en met vrijdag, met uitzondering van wettelijke feestdagen en sluitingsdagen van het Lokaal Dienstencentrum.
Bij laattijdig annuleren of wanneer de gebruiker niet aanwezig is op het afgesproken tijdstip, wordt een vergoeding aangerekend. Deze bedraagt minimaal het equivalent van 10 kilometer.
Indien de vrijwilliger reeds kilometers heeft afgelegd, worden de effectief gereden kilometers aangerekend indien deze hoger liggen dan het minimumtarief van 10 kilometer.
Mobitwin Centrale Lubbeek behoudt zich het recht voor om wegens onvoorziene omstandigheden een geplande rit te annuleren (bv. bij ziekte van een vrijwilliger). In dat geval wordt de gebruiker zo snel mogelijk telefonisch op de hoogte gebracht. Mobitwin Centrale Lubbeek zal, indien mogelijk, een alternatief zoeken, maar kan de uitvoering van de rit niet garanderen. In geval van annulering door Mobitwin Centrale Lubbeek is geen vergoeding verschuldigd aan de gebruiker.
Artikel 9 – Kostprijs van een rit
De kostprijs van het vervoer wordt berekend per afgelegde kilometer. De kilometervergoeding bedraagt € 0,45 en wordt jaarlijks geïndexeerd. Mobitwin Centrale Lubbeek publiceert de geïndexeerde bedragen op haar website.
De kilometers worden geteld vanaf de woning van de vrijwilliger tot diens terugkeer thuis. De ritprijs kan dus variëren naargelang de woonplaats van de vrijwilliger, de beschikbaarheid van een vrijwilliger in de buurt en de route die een vrijwilliger neemt. Mobitwin Centrale Lubbeek is niet in de mogelijkheid om te garanderen dat er steeds de dichtstbijzijnde vrijwilliger kan toegewezen worden.
Voor korte ritten tot 10 kilometer wordt een vast bedrag van 10 keer de kilometerprijs gehanteerd.
Wachttijden worden niet aangerekend, de vrijwilliger is dan ook niet verplicht om te wachten en mag bijgevolg twee ritten aanrekenen.
Bijkomende kosten zoals parkeergeld zijn voor eigen rekening van de gebruiker.
Een eigen parkeerkaart neemt de gebruiker zelf mee en meldt dit aan de vrijwilliger. Zo kan hij zijn wagen op een plaats parkeren voorbehouden voor personen met een beperking.
Worden twee of meer leden samen vervoerd, dan wordt de kilometervergoeding gedeeld door het aantal vervoerde leden.
Ritten worden onmiddellijk cash of met payconic aan de vrijwilliger betaald. De gebruiker voorziet voor de betaling voldoende en een zo gepast mogelijke geldsom. Een ontvangstbewijs van de betaling wordt afgeleverd door de vrijwilliger.
Het vervoer door Mobitwin Centrale Lubbeek is gedekt door een verzekering Burgerlijke Aansprakelijkheid. De kost van die verzekering is inbegrepen in het lidmaatschap.
Artikel 10 – Bijkomende bepalingen
Vaste, niet-opvouwbare rolstoelen worden niet vervoerd.
Kinderen jonger dan 12 jaar moeten begeleid worden. Voor kinderen kleiner dan 1m35 dient de gebruiker zelf voor een reglementair kinderzitje te zorgen.
Grote inkopen of omvangrijke voorwerpen worden niet vervoerd.
De gebruiker verwittigt steeds Mobitwin Centrale Lubbeek van de wens om een huisdier mee te nemen. De vrijwilliger bepaalt zelf of hij al dan niet het meenemen van een huisdier toelaat.
De vrijwilligers blijven steeds verantwoordelijk voor hun voertuig.
Mobitwin Centrale Lubbeek behoudt zich het recht voor om ritten te weigeren bij oneigenlijk gebruik of misbruik van de dienst, bij storend of ongehoord gedrag, of bij wanbetaling. Om diezelfde redenen kan Mobitwin Centrale Lubbeek het lidmaatschap stopzetten.
De centrale is niet aansprakelijk voor:
- vertragingen buiten haar controle;
- verlies of schade van persoonlijke goederen.
Artikel 11 – Klachtenbehandeling
Bij klachten kan de gebruiker contact opnemen met de verantwoordelijke van Mobitwin Centrale Lubbeek. De klacht wordt genoteerd en behandeld volgens de klachtenprocedure van het lokaal bestuur Lubbeek terug te vinden op de website.
Artikel 12 – Contactgegevens en bereikbaarheid
Mobitwin Centrale Lubbeek is van maandag tot en met vrijdag bereikbaar tussen 9h en 12h30.
Lokaal Dienstencentrum De Sleutel, Staatsbaan 124 te 3210 Lubbeek.
Telefoon: 016 62 91 43
Mailadres: mobitwin@lubbeek.be
Artikel 13 – Privacybeleid
Mobitwin Centrale Lubbeek verwerkt persoonsgegevens in overeenstemming met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en andere wetten en normen die het recht op privacy en gegevensbescherming waarborgen. Alvorens persoonsgegevens van een gebruiker worden verwerkt, verkrijgt de gebruiker middels een privacyverklaring heldere en begrijpbare informatie over de verwerking van zijn/haar persoonsgegevens. De privacyverklaring bevat alle essentiële informatie neergelegd in artikel 13 van de AVG. Op het moment van inschrijving verklaart de gebruiker de privacyverklaring te hebben gelezen en te begrijpen. De Mobitwin Centrale Lubbeek zal de verstrekte gegevens enkel gebruiken voor toetsing van de voorwaarden voor lidmaatschap en voor het organiseren van het vervoer. De gebruiker kan op elk moment deze gegevens opvragen, corrigeren of laten verwijderen en heeft de mogelijkheid bezwaar te uiten tegen de verwerking van zijn/haar persoonsgegevens. De Mobitwin Centrale Lubbeek kan op een efficiënte manier een volledig en elektronisch overzicht van de persoonsgegevens van de gebruiker bezorgen. Voor meer informatie over zijn privacy rechten kan de gebruiker terecht bij de functionaris gegevensbescherming via privacy.extern@hasselt.be. De privacyverklaring kan geraadpleegd worden op www.mobitwin.be. Mpact vzw zal de verstrekte gegevens enkel gebruiken voor het optimaliseren van sociaal transport. De gebruiker kan op elk moment deze gegevens opvragen, corrigeren of laten verwijderen. De contactgegevens van de vrijwilliger worden enkel aan de gebruiker gegeven om het tijdstip van de terugrit door te geven. Alle andere communicatie over ritten gebeurt via de Mobitwin Centrale Lubbeek. De gebruiker respecteert de privacy van de vrijwilliger.
Art. 2. Het huishoudelijk reglement treedt in werking op 1 september 2026.
Naar aanleiding van een bijkomende juridische toetsing en advies van VVSG en het Departement Zorg werd vastgesteld dat de in de regelgeving opgenomen ontruimingstermijn na overlijden vijf dagen bedraagt en enkel in aantoonbaar onderling overleg kan worden verlengd. De op 23 juni 2026 goedgekeurde termijn van 14 dagen is hierdoor niet conform de huidige erkenningsvoorwaarden voor groepen van assistentiewoningen. Voorgesteld wordt de interne afsprakennota en de schriftelijke opnameovereenkomst hiermee in overeenstemming te brengen.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurde in zitting van 23 juni 2026 de geactualiseerde interne afsprakennota en schriftelijke opnameovereenkomst voor de groep van assistentiewoningen goed.
Tijdens de behandeling van dit agendapunt werd een amendement goedgekeurd waarbij in artikel 4.4 van de interne afsprakennota en artikel 8.4 van de schriftelijke opnameovereenkomst werd bepaald dat nabestaanden beschikken over een termijn van veertien dagen om de assistentiewoning te ontruimen na het overlijden van de bewoner.
Na verdere juridische toetsing blijkt dat deze bepaling niet in overeenstemming is met de geldende Vlaamse regelgeving voor Groepen van Assistentiewoningen.
Daarnaast werd tijdens een inspectie van Zorginspectie op 24 oktober 2022 vastgesteld dat de schriftelijke opnameovereenkomst niet alle verplichte elementen bevatte. In het inspectieverslag werd onder meer vermeld: "De termijn waarover nabestaanden beschikken om de assistentiewoning te ontruimen bedraagt vijf dagen en kan in aantoonbaar onderling overleg aangepast worden."
Het is noodzakelijk de interne afsprakennota en schriftelijke opnameovereenkomst aan te passen zodat deze volledig conform de regelgeving en de erkenningswaarden voor Groepen van Assistentiewoningen zijn.
Het vast bureau stelde op 13 juli 2026 vast dat de goedgekeurde termijn van veertien dagen niet overeenstemt met de bepalingen van de geldende Vlaamse regelgeving voor groepen van assistentiewoningen en besliste om aan de raad voor maatschappelijk welzijn voor te stellen de betrokken artikelen aan te passen.
Decreet Lokaal Bestuur Artikel 84
Decreet van 15 februari 2019 betreffende de woonzorg dat bepaalt dat Groepen van Assistentiewoningen moeten voldoen aan de door de Vlaams Regering vastgelegde erkenningsvoorwaarden.
Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de programmatie, de erkenningsvoorwaarden en de subsidieregeling voor woonzorgvoorzieningen en verenigingen voor mantelzorgers en gebruikers van 28 juni 2019, Bijlage 10, art 20:
"Het overlijden van de bewoner of, als er meer dan één bewoner is, van de langstlevende bewoner, maakt een einde aan de schriftelijke opnameovereenkomst. De termijn waarover de nabestaanden beschikken om de assistentiewoning te ontruimen, bedraagt vijf dagen en kan in aantoonbaar onderling overleg aangepast worden. Gedurende die termijn mogen geen extra vergoedingen boven op de dagprijs meer aangerekend worden."
Het inspectieverslag van Zorginspectie van 24 oktober 2022 waarin werd vastgesteld dat de schriftelijke opnameovereenkomst niet alle verplichte elementen bevatte, waaronder de bepaling betreffende de ontruimingstermijn van vijf dagen.
De door de raad voor maatschappelijk welzijn op 23 juni 2026 goedgekeurde termijn van veertien dagen stemt niet overeen met de bepaling van artikel 20 van bijlage 10 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019, waarin uitdrukkelijk wordt bepaald dat de termijn waarover de nabestaanden beschikken om de assistentiewoning te ontruimen vijf dagen bedraagt.
De regelgeving voorziet wel dat deze termijn in aantoonbaar onderling overleg kan worden aangepast. Deze mogelijkheid laat echter niet toe om in de schriftelijke opnameovereenkomst een afwijkende algemene standaardtermijn van veertien dagen op te nemen. De wettelijke standaardtermijn moet immers steeds vijf dagen bedragen.
Om volledige rechtszekerheid te verkrijgen over de mogelijkheid om lokaal af te wijken van deze bepaling werd bijkomend advies ingewonnen bij VVSG en het Departement Zorg.
VVSG bevestigde op 16 juli 2026 dat de termijn van vijf dagen de wettelijke standaardtermijn vormt. VVSG verduidelijkte dat de regelgeving enkel ruimte laat om in een individuele situatie en in aantoonbaar onderling overleg met de nabestaanden een andere termijn overeen te komen. Een afwijkende algemene standaardtermijn opnemen in de interne afsprakennota of de schriftelijke opnameovereenkomst is volgens VVSG niet in overeenstemming met de huidige regelgeving.
Het Departement Zorg bevestigde op 20 juli 2026 eveneens dat de termijn van vijf dagen momenteel een verplichte erkenningsvoorwaarde vormt voor groepen van assistentiewoningen zoals opgenomen in bijlage 10 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019.
Hoewel momenteel een herwerking van bijlage 10 wordt voorbereid en een mogelijke aanpassing van deze termijn wordt besproken, werd hierover nog geen gewijzigde regelgeving goedgekeurd of in werking gesteld. Tot op heden blijft de huidige regelgeving onverkort van toepassing.
Overeenkomstig artikel 59 van het Woonzorgdecreet moeten groepen van assistentiewoningen voldoen aan de door de Vlaamse Regering vastgestelde erkenningsvoorwaarden. De raad voor maatschappelijk welzijn kan bijgevolg niet afwijken van deze erkenningsvoorwaarden door middel van een wijziging van de interne afsprakennota of de schriftelijke opnameovereenkomst.
Om de conformiteit van de interne afsprakennota en de schriftelijke opnameovereenkomst met de geldende regelgeving te waarborgen, is het aangewezen artikel 4.4 van de interne afsprakennota en artikel 8.4 van de schriftelijke opnameovereenkomst aan te passen.
Geen financiële gevolgen.
Artikel 1. De raad voor maatschappelijk welzijn stelt vast dat de op 23 juni 2026 goedgekeurde termijn van veertien dagen voor de ontruiming van een assistentiewoning na overlijden niet in overeenstemming is met artikel 20 van bijlage 10 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 28 juni 2019.
Art. 2. De raad voor maatschappelijk welzijn stelt vast dat de regelgeving bepaalt dat de termijn waarover de nabestaanden beschikken om de assistentiewoning te ontruimen vijf dagen bedraagt en enkel in aantoonbaar onderling overleg kan worden aangepast.
Art. 3. De raad voor maatschappelijk welzijn heft de op 23 juni 2026 goedgekeurde bepalingen op die een standaardtermijn van veertien dagen voorzien voor de ontruiming van een assistentiewoning na overlijden.
Art. 4. De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de gewijzigde tekst van artikel 4.4 van de interne afsprakennota en van artikel 8.4 van de schriftelijke opnameovereenkomst met onmiddellijke ingang goed als volgt:
"Bij overlijden van de bewoner of, als er meer dan één bewoner is, van de langstlevende bewoner, stopt de schriftelijke opnameovereenkomst onmiddellijk. Nabestaanden krijgen vijf dagen de tijd om de assistentiewoning te ontruimen, ingaande de eerste dag na het overlijden. In aantoonbaar onderling overleg kan deze termijn aangepast worden.
Gedurende deze termijn mogen geen extra vergoedingen boven op de dagprijs worden aangerekend.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om, in het kader van de uitvoering van het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten, het retributiereglement buitenschoolse opvang en activiteiten goed te keuren.
Het retributiereglement buitenschoolse kinderopvang, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 26 augustus 2025 wordt, in het kader van de uitvoering van het decreet Buitenschoolse Opvang en Activiteiten, opgeheven. Vanaf 1 september '26 starten we met BOA. Het nieuwe retributiereglement buitenschoolse opvang en activiteiten heeft betrekking op de erkende gemeentelijke BKO diensten in het kader van het aanbieden van BOA-activiteiten.
In artikel 5 wordt de mogelijkheid om bij het aanvragen van sociaal tarief een recente loonfiche van alle inwonenden aan te leveren niet meer voorzien, dit conform het huishoudelijk reglement Grabbel & Swap op het Plein en het huishoudelijk reglement sportactiviteiten.
De huidige, geïndexeerde ouderbijdragen blijven behouden.
Decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten en latere wijzigingen
Besluit van de Vlaamse regering van 9 juli 2021 tot uitvoering van het decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten en latere wijzigingen
Gemeenteraadsbeslissing van 28 maart 2023: Jeugd - Huishoudelijk reglement Grabbel & Swap op het Plein - Goedkeuring
Gemeenteraadsbeslissing van 29 april 2025: Jeugd - Huishoudelijk reglement Grabbel & Swap op het Plein Afdeling 5: Begeleiders: wervings- en vergoedingsvoorwaarden
Gemeenteraadsbeslissing van 26 augustus 2025: Retributiereglement buitenschoolse kinderopvang - goedkeuring
Gemeenteraadsbeslissing van 23 december 2025: Huishoudelijk reglement sportactiviteiten
Gemeenteraadsbeslissing van 23 juni 2026: Erkenningskader Buitenschoolse Opvang en Activiteiten - goedkeuring
Beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 6 juli 2026: Erkenning gemeentelijke BKO-diensten in het kader van het aanbieden van BOA-activiteiten
Zie 'Feiten & context'
Geen financiële gevolgen.
Artikel 1. Het retributiereglement buitenschoolse kinderopvang, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 26 augustus 2025, op te heffen.
Art. 2. Het retributietreglement buitenschoolse opvang en activiteiten als volgt goed te keuren:
Artikel 1. Toepassingsgebied
Dit reglement bepaalt de prijzen van de prestaties geleverd door de erkende gemeentelijke BKO diensten.
Artikel 2. Basis voor aanrekening
De ouderbijdragen worden aangerekend per prestatie.
Artikel 3. Heffingstermijn
De ouderbijdragen worden maandelijks gefactureerd via een factuur dat minimaal één keer per maand wordt opgemaakt.
Indien een aangerekende prestatie niet betaald wordt, zal het lokaal bestuur de invorderingsprocedure activeren.
Artikel 4. Retributieplichtige
De retributie is in principe verschuldigd door de persoon die geniet van de dienstverlening. Het is echter mogelijk om met de administratie van de erkende gemeentelijke BKO diensten afspraken te maken om een andere retributie plichtige aan te duiden, zoals de bewindvoerder, voogd, familielid.
Artikel 5. Prijsbepaling
Ouderbijdragen:
- Voor en na de school: 1,62 euro per begonnen halfuur
woensdagnamiddag: berekening per halve dag of per begonnen half uur
(voordeligst tarief voor de ouders)
schoolvrije en vakantiedagen: hele dag (meer dan 6u): 17,99 euro
halve dag (tussen 3 en 6u): 9,00 euro
minder dan 3u: 5,98 euro
- Geplande uitstapjes worden tijdig aan de ouders bekend gemaakt. Eventueel kan er een meerprijs gevraagd worden.
Korting - Sociaal tarief:
Korting: bij de opvang van meerdere kinderen uit hetzelfde gezin op een zelfde dag, wordt 25% korting verleend op de totale ouderbijdrage van diezelfde dag.
Sociaal tarief 50% korting: is cumuleerbaar met de gezinskorting.
Ouders die menen in aanmerking te komen voor sociaal tarief, kunnen dit aanvragen door volgende documenten binnen te brengen bij het organiserende bestuur:
- een gemotiveerd verzoek
- een recent aanslagbiljet personenbelasting
- een recent bewijs van gezinssamenstelling
- een recente loonfiche
Criteria:
| Aantal kinderen |
Belastbaar inkomen twee-oudergezinnen |
Belastbaar inkomen éénoudergezin |
| 1 |
41229 |
33963 |
| 2 |
43658 |
36387 |
| 3 |
46085 |
38325 |
| +3 |
48509 |
40261 |
Het sociale tarief wordt maximum toegekend voor een periode van een jaar.
De bewijsstukken moeten door de ouders, een maand voor het verstrijken van de betrokken periode, opnieuw worden voorgelegd aan het organiserende bestuur.
Het sociaal tarief gaat pas in vanaf dat alle documenten werden binnengebracht. Indien er zich eerder wijzigingen voordoen in verband met de gezinssamenstelling en/ of -inkomen, moet het organiserende bestuur onmiddellijk op de hoogte gesteld worden.
De bedragen worden jaarlijks op 1 januari verhoogd met de procentuele stijging van het gezondheidsindexcijfer van 1 oktober van het vorig kalenderjaar en 1 oktober van het kalenderjaar daarvoor.
Artikel 6. Forfaitaire vergoeding
Te laat afhalen van kinderen
Bij uitscannen na 18:30 uur (en op woensdag in Linden na 18u, in Pellenberg na 17u en in Binkom na 13u), zal een vergoeding van 15 euro per kind worden aangerekend.
Een annulering of afwezigheid bij voorafgaande inschrijving (uitgezonderd de annulering met medisch attest op naam van het kind): de ingeschreven uren worden aangerekend.
Laattijdige annulatie of afwezigheid zonder verwittiging bij het overplaatsen van kinderen op woensdagnamiddag naar de opvang in Lubbeek
Kinderen uit Binkom en Pellenberg die op woensdag niet voor 13:00u (Binkom) of 17:00u (Pellenberg) worden opgehaald, nemen de bus naar de opvanglocatie van Lubbeek.
Indien je een plaats reserveert maar uiteindelijk toch niet meerijdt, wordt er bij laattijdige annulatie of afwezigheid zonder verwittiging een forfaitaire kost van 15 euro per kind aangerekend.
Artikel 7. Annulatie en terugbetaling
Een annulering of afwezigheid bij voorafgaande inschrijving (uitgezonderd de annulering met medisch attest op naam van het kind): de ingeschreven uren worden aangerekend.
Artikel 8. Inwerkingtreding
Dit retributiereglement buitenschoolse opvang en activiteiten treedt in werking op 1 september 2026.
Artikel 9. Bekendmaking
Dit reglement wordt bekendgemaakt overeenkomstig de artikelen 285 en 286 van het decreet over het lokaal bestuur.
Art. 3. Het reglement bekend te maken overeenkomstig de artikelen 285 en 286 van het decreet over het lokaal bestuur.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het schoolreglement 2026-2027 en de daarbij horende infobrochure van GBS de STip Linden, GBS SCHOOL3212 Pellenberg en GBS de STip Binkom goed te keuren.
Een schoolbestuur moet voor elk van zijn basisscholen een schoolreglement opstellen dat de betrekkingen tussen het schoolbestuur en de ouders en de leerlingen regelt .
Het schoolreglement als dusdanig bevat in principe enkel wat decretaal wordt opgelegd. Andere, eerder organisatorische en pedagogische afspraken worden door het college van burgemeester en schepenen, na overleg in de schoolraad, opgenomen in een infobrochure.
Het schoolreglement gewoon basisonderwijs en de infobrochure worden, net als het pedagogisch project en de beginselverklaring, bij elke inschrijving van een leerling en nadien bij elke wijziging, ter beschikking gesteld (op papier of via een elektronische drager) aan ouders, die ondertekenen voor akkoord.
Het huidige schoolreglement gewoon basisonderwijs, inclusief de infobrochure, dat goedgekeurd werd op de gemeenteraad 26 augustus 2025 is aan actualisatie toe wegens enerzijds gewijzigde regelgeving en anderzijds de organisatorische en pedagogische afspraken up-to-date te houden.
Een wijziging van het schoolreglement kan ten vroegste uitwerking hebben in het daaropvolgende schooljaar, tenzij de wijziging het rechtstreeks gevolg is van nieuwe regelgeving;
Het model schoolreglement van de Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten (OVSG) en de aanbevelingen van de juridische dienst van OVSG voor de infobrochure dienen als basis voor het schoolreglement en de infobrochure van de 3 gemeentelijke basisscholen.
Aan het pedagogisch project, dat reeds goedgekeurd is op de gemeenteraad van 26 juni 2019, en het beginselverklaring neutraliteit worden geen wijzigingen aangebracht. Bijgevolg worden deze documenten niet opnieuw voorgelegd aan de gemeenteraad.
Bijgevoegd een schoolreglement voor de 3 gemeentescholen van Lubbeek en respectievelijk een afzonderlijke infobrochure met de praktisch- organisatorische maatregelen per school zijnde,GBS de STiP Linden, GBS De Stip Binkom en SCHOOL3212 Pellenberg.
De beslissing voldoet aan de voorwaarden vermeld in art. 21 van het decreet van 2 april 2004 betreffende participatie op school en de Vlaamse Onderwijsraad.
Op 4 juni 2026 heeft het overleg in de schoolraad plaatsgevonden. Het verslag van de schoolraad werd voorgelegd op het college van 3 augustus 2026.
De wijzigingen in het schoolreglement en de infobrochure zijn opgemaakt in "Arial bold".
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, de artikelen 40 § 3 en art. 41, tweede lid, 2°;
Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikelen 27 bis, §4, 37 en 37bis;
Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997: artikelen 11 quater, 27 bis, 39, 40, 44 quater, 44 quinques;
Artikel II.21 Bestuursdecreet;
- Decreet van 19 april 2024 betreffende het onderwijs XXXIV: 3, 14°quater/1, 33/1 t.e.m. 33/5, 34, §1, tweede en derde lid, 37, 47bis, 47ter en 177 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997;
- Wet van 11 juni 2023 tot wijziging van artikel 124, 1°,
- Wet van 26 maart 2024 tot wijziging van de wet van 22 december 2009
- Besluit van de Vlaamse Regering van 21 juni 2024
Nieuwe of gewijzigde regelgeving:
- artikel 54 quater,55, 62§1 13° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997
- Het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 :artikelen 11 quater, 27bis,39,40 ,44 quater,44 quinquies
- B.W.: artikelen 6.1-6.3.
Besluit van de gemeenteraad van 25 augustus 2026.
Collegebeslissing van 3 augustus 2026. Verslag schoolraad 4 juni 2026.
Het huidige schoolreglement moet enerzijds inhoudelijk worden aangepast aan de nieuwe regelgeving en anderzijds ook hier en daar louter tekstueel worden gecorrigeerd. De infobrochure omvat naast de bestaande, nieuwe afspraken en acties ten gevolge van bijsturingen aan het dagdagelijks bestuur van de scholen. Elke schooldirecteur voerde deze wijzigingen in op maat van haar school en in samenspraak met het schoolteam.
Alle wijzigingen worden eerst voorgelegd aan het schepencollege ter principiële goedkeuring en nadien aan de gemeenteraad van 25 augustus 2026 ter goedkeuring zodat het nieuwe schoolreglement op 1 september 2026 beschikbaar kan worden gesteld aan alle ouders.
Alle inhoudelijke en tekstuele wijzigingen aan het schoolreglement en de infobrochure voor schooljaar 2026-2027 werden in onderling overleg tussen de schooldirecteurs Karin Bunckens GBS De STiP Linden, Kristien Clits GBS SCHOOL3212 en An Courant GBS De STiP Binkom doorgevoerd en zijn in overeenstemming met de gewijzigde regelgeving en ten gevolge van noodzakelijke verfijningen, verduidelijkingen en nieuwe acties in het lopend beleid van elke school.
De schoolraad verklaarde zich op 4 juni 2026 akkoord met alle voorgelegde toevoegingen en/of wijzigingen.
Geen financiële gevolgen
Artikel 1. Het schoolreglement en de infobrochure van GBS de STiP Linden, GBS De STiP Binkom en SCHOOL3212 Pellenberg schooljaar 2025-2026, die goedgekeurd werden op de gemeenteraad van 26 augustus 2025, op te heffen.
Art. 2. De gemeenteraad keurt het schoolreglement en de infobrochure van GBS de STiP Linden, GBS De STiP Binkom en SCHOOL3212 Pellenberg schooljaar 2026-2027 goed.
Art. 3. Het schoolreglement bekend te maken conform artikel 285 en 286 van het decreet lokaal bestuur.
Aan de gemeenteraad word gevraagd om het aangepaste arbeidsreglement goed te keuren.
Het schoolbestuur moet voor zijn gemeentescholen een arbeidsreglement opstellen dat de betrekkingen tussen het schoolbestuur en het personeel van het gemeentelijk basisonderwijs GBS De STip Linden, School3212 Pellenberg en GBS De STip Binkom regelt. Bij besluit van de gemeenteraad van 28 augustus 2025 werd de laatste versie van de arbeidsreglementen goedgekeurd.
Door de nieuwe onderwijswetgeving dient het huidige arbeidsreglement aangepast te worden.
Bijgevoegd het aangepaste arbeidsreglement van GBS De STip Linden, School3212 Pellenberg en GBS De STip Binkom
De directies van de drie gemeentescholen overlegden de wijzigingen op 3 jul 2026. De wijzigingen zijn aangebracht in Arial 'bolt' of Arial + grijze arcering.
Op het ABOC van 15 juni 2026 werd het arbeidsreglement besproken en werden bijkomende wijzigingen aangebracht. De adviezen werden meegenomen in het vernieuwde arbeidsreglement. Het college nam kennis van dit verslag op 3 augustus 2026.
De wet van 8 april 1965 tot instelling van arbeidsreglementen, artikelen 1, 4 en 11 tot en met 15sexies
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
Gemeenteraadsbeslissing op 26 augustus 2025: Aanpassing arbeidsreglement - GBS De STip Linden, School 3212 Pellenberg, GBS De STip Binkom - Schooljaar 2025- 2026
Het arbeidsreglement, dat ingaat vanaf 1 september 2026, werd door de schooldirecteurs Karin Bunckens GBS De STip Linden, Kristien Clits School3212 Pellenberg en An Courant GBS De STip Binkom in onderling overleg en volgens de nieuwe wettelijke bepalingen aangepast en onderhandeld met gunstig gevolg tijdens het vakbondsoverleg (ABOC) van 15 juni 2026.
Geen financiële gevolgen
Artikel 1. Het arbeidsreglement van GBS De STip Linden, School 3212 Pellenberg, GBS De STip Binkom, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 26 augustus 2025, op te heffen.
Art. 2. Het bijgevoegde aangepaste arbeidsreglement van de GBS De Stip Linden, GBS SCHOOL3212 Pellenberg en GBS De Stip Binkom schooljaar 2026-2027 goed te keuren.
Art. 3. Het reglement bekend te maken overeenkomstig de artikelen 285 en 286 van het decreet over het lokaal bestuur.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om de verkregen BOA-subsidies vanuit de Vlaamse Overheid, Agentschap Opgroeien, in het kader van het aanleveren van een kwaliteitsvol en uniform aanbod aangaande kinderopvang en activiteiten in te zetten voor de eigen erkende gemeentelijke BOA-initiatieven.
Het Lubbeekse lokaal bestuur organiseert zelf buitenschoolse opvang. Op deze wijze werken wij als organisator van buitenschoolse opvang mee aan het lokale BOA-beleid.
In de eigen gemeentelijke BOA-initiatieven kunnen alle kinderen van de gemeente met een opvangvraag terecht.
• Met de eigen BKO organiseren we een opvangaanbod met ruime openingsuren op schooldagen (voor- en naschools), op vrije dagen en tijdens alle schoolvakanties.
• Elke gemeentelijke school op het eigen grondgebied is verbonden met de werking van de BKO, zodat de verplaatsing van de kinderen naar de BKO tot het minimum beperkt wordt. Vrije basisscholen worden in het kader van het flankerend onderwijsbeleid financieel door het lokale bestuur ondersteund zodat zij dezelfde opvang kunnen aanbieden.
• In de eigen BKO gebruiken we een uitgebreid sociaal tarief om de financiële toegankelijkheid van het aanbod te garanderen.
• Onze BKO staat open voor alle kinderen, met en zonder specifieke zorgbehoefte. We streven ernaar zo inclusief mogelijk te werken.
• In de eigen BKO hebben de kinderbegeleiders een gunstig personeelsstatuut. We investeren in onze rol van lokaal werkgeverschap.
In de gemeente Lubbeek is er een goede samenwerking tussen de opvanginitiatieven die gespreid zijn over de verschillende beleidsdomeinen jeugd, sport en onderwijs:
- Grabbel & Swap op het Plein: opvangmogelijkheden tijdens de maanden juli en augustus
- Sportweken: opvangmogelijkheden tijdens de Paasvakantie en het einde van de grote vakantie
- STEM-kampen: garanderen van opvangmogelijkheden tijdens verschillende vakantieperiodes
- Zomerschool: ondersteunen van 2 weken tijdens de maand augustus
Binnen de schoolcontext is er ondersteuning door middel van hulp bij pauzemomenten en algemeen toezicht.
Tot op heden werd de voor- en naschoolse kinderopvang in de gemeentelijke basisscholen georganiseerd door de gemeente zelf. Hiervoor werden financiële middelen vanuit de Vlaamse overheid ter beschikking gesteld. Het aanbieden van een eigen aanbod had als streefdoel om een kwaliteitsvol en uniform platform te creëren. Om aanspraak te maken op de subsidies, diende de gemeente de daartoe opgevraagde bewijzen aan te leveren.
Vanaf september 2026 worden de financiële middelen (BOA-subsidies) voor het organiseren van buitenschoolse opvang en activiteiten door het agentschap Opgroeien integraal toegewezen aan de gemeenten en steden zelf. Zij krijgen vanaf dan een regierol toebedeeld om de verkregen financiële middelen via een kwaliteits- en erkenningskader te verdelen. De subsidie bestaat uit een startbedrag en een kindbedrag dat specifiek berekend wordt op basis van het aantal kinderen in de gemeente.
Aangezien aan de interne werkingen van de opvang in de eigen gemeentelijke onderwijsinstellingen niets wijzigt, zullen de verkregen financiële middelen voor hetzelfde doel als in het verleden gebruikt worden.
Het LSV (de schoolraad en het LOK hebben niemand afgevaardigd bij gebrek aan kandidaten) beslist unaniem om, vanaf 1 september 2026 bij de verdeling van de toe te kennen subsidies van de afdeling opgroeien, dezelfde werkwijze te hanteren zoals dat momenteel reeds gebeurde. Dat wil zeggen dat de eigen gemeentelijke BKO-activiteiten onder de vorm van voor- en naschoolse opvang en opvang tijdens lesvrije dagen zullen gesubsidieerd worden met de toegekende gelden. Interne samenwerkingsverbanden met andere diensten, zoals bijvoorbeeld samenwerking met Grabbel op het Plein, sportweken en STEM-kampen komen tevens in aanmerking. Het LSV keurt de aanvraag van de gemeentelijke BKO-diensten om te voorzien in BOA-activiteiten unaniem goed.
Vanaf 1 september 2026 stoppen de oude subsidiestromen definitief. Steden en gemeenten worden vanaf dan volledig verantwoordelijk voor de organisatie, coördinatie en kwaliteit van de buitenschoolse opvang op hun grondgebied. Hiervoor keurde de gemeenteraad in zitting van 23 juni 2026 het erkenningskader Buitenschoolse Opvang en Activiteiten goed.
Door de definitieve start van BOA zullen alle voormalige erkenningen aangaande gemelde en gesubsidieerde opvangen, inclusief het kleuterlabel, opgeschort worden. Voor concrete dagelijkse aangelegenheden, waarin het erkenningskader niet in detail voorziet, stelt het college van burgemeester en schepenen een huishoudelijk reglement op. Het betreft hier o.a. het bepalen van het interne beleid van de eigen erkende gemeentelijke BOA-initiatieven.
Decreet Lokaal Bestuur
Decreet van 3 mei 2019 houdende de organisatie van buitenschoolse opvang en de afstemming tussen buitenschoolse activiteiten
Besluit van de Vlaamse Regering van 9 juli 2021 over het lokaal beleid, de samenwerking en de subsidie voor buitenschoolse opvang en activiteiten
Besluit 2012/21/EU van de Europese Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, lid 2, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen.
De uitgaven werden voorzien in het exploitatie- en investeringsbudget: 2025
| Actienummer |
2025 / GBB |
| Beleidscode (omschrijving en nummer) | Kinderopvang: Lubbeek/Binkom - 0945-01 |
| Algemene rekening + omschrijving | 7405000 - Specifieke werkingssubsidies |
| Aannemer/leverancier/instantie | |
| Geraamde inkomsten of subsidies in het budgetjaar | 321.740,60 euro |
| Voorzien krediet | |
| Beschikbaar krediet |
De uitgaven worden voorzien in het exploitatie- en investeringsbudget: 2026
| Actienummer |
2026 / GBB |
| Beleidscode (omschrijving en nummer) | Kinderopvang - 0945-00 |
| Algemene rekening + omschrijving | 7405000 - Specifieke werkingssubsidies |
| Aannemer/leverancier/instantie | |
| Geraamde inkomsten of subsidies in het budgetjaar | 228.723,00 euro + 84.750,00 euro = 313.473,00 euro |
| Voorzien krediet | |
| Beschikbaar krediet |
Artikel 1. De verkregen BOA-subsidies worden in het kader van het aanleveren van een kwaliteitsvol en uniform aanbod aangaande kinderopvang en activiteiten ingezet voor de eigen erkende gemeentelijke BOA-initiatieven.
Art. 2. Het college van burgemeester en schepenen stelt, voor de dagelijkse werking van de eigen erkende gemeentelijke BOA-initiatieven, een huishoudelijk reglement op.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aanpassing aan het subsidiereglement ter bestrijding van de Aziatische hoornaar op het grondgebied van Lubbeek goed te keuren.
Op 14 juli 2016 werd de eerste lijst van voor de Europese Unie zorgwekkende invasieve exoten gepubliceerd. Op deze lijst werd de Aziatische hoornaar opgenomen. Dit betekent onder andere dat voor deze (onder)soort een totaalverbod geldt op bezit, handel, transport, teelt en vrijstelling in de natuur. (Bron: www.natuurpunt.be en https://vlaamsbijeninstituut.be/hoe-herken-je-een-aziatische-hoornaar)
Het departement Landbouw en Visserij heeft een oproep gelanceerd voor projecten ‘Strategisch Plan Bijenteelt’. Er kan zo, met betrekking tot de Aziatische Hoornaar, een project (1 tot 3 jarig) ingediend worden voor: ‘bestrijding van vijanden en ziekten in de bijenteelt, in het bijzonder de varroamijtplaag, de kleine kastkever en de Aziatische hoornaar’. De projecten zijn vooral gericht op imkers. Enig zicht op de projecten en hun effecten is er nog niet.
Daarom is het zinvol om zelf als lokaal bestuur financiële hulp te bieden bij het bestrijden van de Aziatische hoornaar. Deze ondersteuning kadert binnen de visie van de gemeente om het milieu te ondersteunen en kan complementair zijn aan acties als 'Behaag je tuin' en 'Maai mei niet'.
Enkele steden/gemeenten die reeds subsidies toekenden zijn:
(Het Agentschap Natuur en Bos heeft voor 2024, net zoals in 2023 budget voorzien voor bestrijding van hoornaars op eigen terreinen, in afwachting van een definitieve beheerregeling)
De kostprijs voor het verdelgen van nesten door de Brandweer (Hulpverleningszone Oost) bedraagt: 77,32 euro. Als een tweede interventie voor hetzelfde nest nodig is, wordt die niet aangerekend.
Voor 2023 registreerde de brandweerpost voor de gemeente Lubbeek 106 verdelgingen (globaal cijfer: zowel nesten van gewone wespen als van Aziatische hoornaars).
Verloop en verwerking van de aanvragen (naar analogie met de andere subsidiereglementen van de gemeente):
Digitalisering van de aanvraag (een papieren versie blijft ook beschikbaar):
Validatie:
Afspraken in functie van de verbetering van de communicatie tussen de verschillende diensten en de aanvragers:
• De goedkeuring van de aanvraag wordt via mail verzonden in plaats van met de post;
• Terugkoppeling door de financiële dienst na uitbetaling.
Digitalisering van het klassement:
• De gemeentelijke archivaris zal worden geraadpleegd met het doel de dossiers in de toekomst digitaal te klasseren.
In 2024 keurde de gemeenteraad een subsidiereglement goed voor tussenkomst in de kosten van de verdelging en verwijdering van een nest Aziatische hoornaars op het grondgebied van Lubbeek (77,92 euro/nest) en werd er voor de financiering van het subsidiereglement ter bestrijding van de Aziatische hoornaar beslist om een jaarlijks krediet van 8.000,00 euro te voorzien.
Omdat hulpverleningszone Oost Vlaams-Brabant vanaf 1 juni 2026 geen niet-dringende wespen- en hoornaarsnesten meer verdelgt, dienen we ons subsidiereglement overeenkomstig aan te passen.
Bovendien staat in het huidige subsidiereglement niet vermeld dat de aanvrager ook een bewijs van betaling dient toe te voegen, terwijl dit wel vereist is volgens het (online) aanvraagformulier. Om wettelijk rechtsgeldig te zijn, wordt deze vereiste ook toegevoegd aan het subsidiereglement.
Uitvoeringsverordening 2016/1141 van de Europese commissie van 13 juli 2016 tot vaststelling van een lijst van voor de Unie zorgwekkende invasieve uitheemse soorten krachtens Verordening (EU) nr. 1143/2014 van het Europees Parlement en de Raad
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017:
Het besluit van het college van burgemeester en schepenen van 11 december 2023 tot principiële goedkeuring van het subsidiereglement ter bestrijding van de Aziatische Hoornaar
De beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 18 december 2023 om een subsidiereglement voor de bestrijding van de Aziatische hoornaar ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad
De beslissing van de gemeenteraad van 26 maart 2024 om het subsidiereglement voor de bestrijding van de Aziatische hoornaar goed te keuren
Omdat hulpverleningszone Oost Vlaams-Brabant vanaf 1 juni 2026 geen niet-dringende wespen- en hoornaarsnesten meer verdelgen, dienen we ons subsidiereglement overeenkomstig aan te passen.
Bovendien staat in het huidige subsidiereglement niet vermeld dat de aanvrager ook een bewijs van betaling dient toe te voegen, terwijl dit wel vereist is volgens het (online) aanvraagformulier. Om wettelijk rechtsgeldig te zijn, wordt deze vereiste ook toegevoegd aan het subsidiereglement.
De Aziatische hoornaar is een exotische invasieve wespensoort, die sinds mei 2017 in opmars is.
Hij kwam Europa binnen via een bonsai-kwekerij in Frankrijk in 2004 en heeft zich sindsdien verspreid over Spanje, Portugal, Italië, Duitsland, Groot-Brittannië, Nederland en België. De soort staat erom bekend honingbijenkasten te kunnen binnendringen, en volledige nesten leeg te roven. Ze vormt een zeer duidelijke bedreiging voor onze inheemse bijen en andere kleine insecten. Het bijenbestand staat al geruime tijd onder zware druk en de Aziatische hoornaar komt hier nog bovenop.
Net als veel andere sociale wespen maakt de Aziatische hoornaar jaarlijkse nesten. Het nest wordt in het voorjaar gestart door een bevruchte koningin die succesvol overwinterd heeft. De koningin start in haar eentje met de bouw van een primair nest en zal de eerste werksters zelf grootbrengen. Aan het begin van de zomer wordt een secundair nest gebouwd, dat uitgroeit tot het effectieve nest. Daarna helpen de nieuwe werksters met de verzorging van het broed en het aandragen van voedsel. In een seizoen kan een nest enkele duizenden werksters voortbrengen. In de nazomer worden ook mannetjes en nieuwe koninginnen geproduceerd. Na de paring sterven de mannetjes. De bevruchte koninginnen gaan op zoek naar een plekje om te overwinteren. Aziatische hoornaars kunnen enkele tientallen tot honderden koninginnen per jaar produceren, wat meteen verklaart waarom deze soort zo succesvol nieuwe gebieden koloniseert.
De soort kan agressief uit de hoek komen wanneer ze ervaren dat het nest bedreigd wordt. Zelf nesten behandelen of verwijderen is daarom zeker niet wenselijk. Toch is het essentieel dat de bestrijding gebeurt en wel door professionelen.
Uiteraard dient men ook helemaal zeker te zijn dat je met een Aziatische hoornaar te maken hebt.
Op 14 juli 2016 werd de eerste lijst van voor de Europese Unie zorgwekkende invasieve exoten gepubliceerd. Op deze lijst werd de Aziatische hoornaar opgenomen. Dit betekent o.a. dat voor deze (onder)soort een totaalverbod geldt op bezit, handel, transport, teelt en vrijstelling in de natuur.
Bron: www.natuurpunt.be en https://vlaamsbijeninstituut.be/hoe-herken-je-een-aziatische-hoornaar/
Het is wenselijk om een subsidie te voorzien voor de bestrijding en verwijdering van de nesten van de Aziatische hoornaar. Komt er in 2024 echter financiële ondersteuning op Vlaams niveau (het departement Landbouw en Visserij en/of Natuur en Bos) of vanuit de provincie, dan zal de subsidie worden stopgezet.
Geen financiële gevolgen gelinkt aan deze aanpassing van het subsidiereglement.
Artikel 1. Het subsidiereglement ter bestrijding van de Aziatische hoornaar, goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 maart 2024, op te heffen.
Art. 2. Het subsidiereglement voor de bestrijding van de Aziatische hoornaar als volgt goed te keuren:
Subsidiereglement ter bestrijding van de Aziatische hoornaar
Artikel 1. Algemeen
Onderhavig subsidiereglement is van toepassing op de bestrijding van de Aziatische hoornaar door verwijdering van de nesten op het grondgebied van de gemeente Lubbeek.
Artikel 2. Doel
Bestrijding en verwijdering van de Aziatische hoornaar.
Artikel 3. Toekenningsvoorwaarden
3.1. De subsidie kan enkel aangevraagd worden door :
1.Eigenaar van het perceel waar het nest zich bevindt;
2.De huurder van het perceel waar het nest zich bevindt;
3.De houder van het gebruiksrecht van het perceel waar het nest zich bevindt;
4.Door de vereniging van mede-eigenaars van het perceel waar het nest zich bevindt.
3.2. De subsidie wordt 1x per nest toegekend.
3.3. De verwijdering van het nest dient te gebeuren door een erkende bestrijder ( de lijst met erkende verdelgers is terug te vinden op de website van het Vlaams bijeninstituut : Vlaams Bijeninstituut vzw - Lijst erkende verdelgers Aziatische hoornaar ). Enkel in geval van een acuut gevaar voor de omwonenden, kan de verwijdering ook gebeuren via de brandweer – Hulpverleningszone Oost Vlaams-Brabant.
3.4. De correcte aanvraagprocedure dient te worden gevolgd.
Artikel 4. Aanvraagprocedure
4.1. De subsidie wordt aangevraagd na voltooiing van de werken en maximum 2 maanden na de verdelging/verwijdering.
4.2. De aanvraag moet ingediend worden via het aanvraagformulier op de website of na telefonische aanvraag bij de Dienst Milieu op 016/31.63.10. De aanvraag is slechts ontvankelijk indien volledig en correct ingevuld en dient vergezeld te zijn van de nodige dossierstukken zijnde
a) factuur van de verdelger met volgende vermeldingen :
b) bewijs van betaling
4.3. Optioneel kan een foto van het nest bijgevoegd worden.
Artikel 5. Subsidiebedrag
5.1. Terugbetaling op basis van facturatie van de gemaakte kosten voor het verwijderen of verdelgen van het nest door een erkende bestrijder.
5.2. De maximumsubsidie bedraagt per nest 77,92 euro.
5.3. Er wordt niet tussengekomen in kilometervergoeding.
Artikel 6. Controle en toekenning
6.1. Vooraleer over te gaan tot de uitbetaling van de subsidie zal een door de gemeente gemachtigde instantie of ambtenaar zich ervan vergewissen dat aan de voorwaarden van het subsidiereglement voldaan is. Blijken de voorwaarden niet nageleefd, dan zal de subsidie niet uitgekeerd worden.
6.2. De uitkering van de subsidie gebeurt op rekening van de aanvrager, na ontvangst en goedkeuring van het dossier.
6.3. Indien blijkt dat de subsidie ten onrechte is uitgekeerd, dan kan deze teruggevorderd worden door de gemeente Lubbeek.
6.4. Het uit te keren bedrag kan nooit hoger zijn dan het effectief aangerekende bedrag zonder de kilometervergoeding.
6.5. Er is geen cumul mogelijk met enig andere vorm van financiële tegemoetkoming voor dezelfde bestrijding.
Artikel 7. Inwerkingtreding en duurtijd
Dit subsidiereglement treedt in werking na publicatie op de website. Aanvragen van 2024 voor interventies die werden uitgevoerd vóór de initiële publicatie van de eerste versie van dit reglement, goedgekeurd door de gemeenteraad op 26 maart 2024, werden ook aanvaard.
Art. 3. Het reglement bekend te maken overeenkomstig de artikelen 285 en 286 van het decreet lokaal bestuur.
De samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente Bierbeek, stad Leuven en de gemeente Lubbeek voor de infrastructuurwerken Lange Lostraat / Rozenweg en Jan Davidstraat wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Stad Leuven en gemeente Lubbeek wensen infrastructuurwerken uit te voeren aan Lange Lostraat/Rozenweg en aan de Jan Davidstraat.
Deze wegen bevinden zich gedeeltelijk op grondgebied van Stad Leuven en gedeeltelijk op grondgebied van gemeente Lubbeek en beide lokale besturen zijn gedeeld beheerder van deze wegen.
Gemeente Bierbeek wenst infrastructuurwerken uit te voeren aan het kruispunt van de Lange Lostraat met de Panoramalaan en de Koning Albertlaan.
Deze opdrachten worden in het algemeen belang samengevoegd. Conform de Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016, meer bepaald artikel 48 met betrekking tot occasionele gezamelijke opdrachten, wordt een samenwerkingsovereenkomst afgesloten die de modaliteiten van deze gezamelijke opdracht vastlegt.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 40 en 41 houdende bevoegdheden van de gemeenteraad, artikel 56 houdende bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen en artikels 41, 56, 78, 84 met betrekking tot occasionele gezamelijke opdrachten.
Het besluit van de gemeenteraad van 25 februari 2025 houdende vaststelling van het begrip dagelijks bestuur en regeling visum financieel directeur.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016, meer bepaald artikel 48 met betrekking tot occasionele gezamelijke opdrachten.
Gemeente Lubbeek heeft de volgende acties opgenomen in het meerjarenplan:
Prioritaire actie 2.1.08. Gemeentelijk project heraanleg Lange Lostraat
SDG 6 – Schoon water en sanitair, SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur en SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen
In samenwerking met stad Leuven wordt het voetpad en de straat vernieuwd. De huidige toestand is verouderd en voldoet niet meer aan de veiligheidsnormen. Met deze werken willen we de verkeersveiligheid en toegankelijkheid verbeteren. Daarnaast wordt ingezet op duurzame maatregelen, waaronder maximale regenwaterinfiltratie waar mogelijk.
Prioritaire actie 2.1.09. Gemeentelijk project heraanleg Jan Davidstraat
SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur en SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen
In samenwerking met stad Leuven zal het wegdek verbeterd worden door een nieuwe deklaag te voorzien. De huidige toestand is verouderd en voldoet niet meer aan de veiligheidsnormen. Met deze werken willen we de verkeersveiligheid en toegankelijkheid verbeteren.
Gemeente Bierbeek heeft intussen ook te kennen gegeven dat zij infrastructuurwerken wensen uit te voeren aan het kruispunt van de Lange Lostraat met de Panoramalaan en de Koning Albertlaan.
Voorafgaand aan de infrastructuurwerken voor deze projecten moet een ontwerpdossier moet worden opgemaakt.
De verschillende partijen, zijnde gemeente Bierbeek, stad Leuven en gemeente Lubbeek, zijn van oordeel dat de verschillende overheidsopdrachten die hieruit voortvloeien (diensten en werken) in het algemeen belang dienen te worden samengevoegd.
De modaliteiten van de samenvoeging van deze opdrachten zijn vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
De samenwerkingsovereenkomst wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de bevoegde organen van de verschillende partijen, waarna deze kan ondertekend worden.
Het college stelt vast dat de recente discussies omtrent tijdelijke initiatieven in de straat wijzen op een bredere maatschappelijke vraag vanuit de omgeving.
Hoewel de geuite opmerkingen zich formeel richtten op concrete aanvragen, leidt het college hieruit af dat er bij een deel van de bewoners onderliggende bezorgdheden bestaan omtrent doorgaand verkeer, verkeersdruk en de impact daarvan op de leefbaarheid van de straat.
Aangezien deze bezorgdheden niet expliciet en gestructureerd werden bevraagd, wenst het college hierover geen voorbarige conclusies te trekken, maar wel een participatief traject op te starten om deze signalen verder te onderzoeken en te objectiveren. Het college heeft daarom in zitting van 27 juli 2026 aangegeven dat zij wensen dat een participatietraject wordt opgestart met de betrokken partners.
De resultaten daarvan kunnen vervolgens worden meegenomen bij de verdere uitwerking van dit project. Zoals reeds eerder werd gecommuniceerd aan Stad Leuven is gemeente Lubbeek geen voorstander van het inrichten van een zone 30 binnen dit project.
De uitgave is voorzien in de meerjarenplanning 2026-2031 onder het budgetjaar 2026 en volgende.
| Budgetcode |
2.1.08./0200-01/***/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN 2.1.09./0200-01/***/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN |
| Omschrijving |
Wegen - Activa in aanbouw |
| Actie |
2.1.08 Gemeentelijk project heraanleg Lange Lostraat 2.1.09 Gemeentelijk project heraanleg Jan Davidstraat |
| Beleidsitem |
0200-01 Wegen |
| Algemene rekening |
2140007 Plannen en studies - Activa in aanbouw 2240007 Wegen - Acitiva in aanbouw 6130003 Honoraria vrije beroepen 6499000 Samenwerkingsovereenkomsten |
| Investeringsproject |
IP-Geen |
| Beschikbaar krediet |
MJP 2026-2031 – 2.1.08 - €1.740.000 MJP 2026-2031 – 2.1.09 - €965.000 |
Artikel 1. De samenwerkingsovereenkomst tussen gemeente Bierbeek, stad Leuven en de gemeente Lubbeek voor de infrastructuurwerken Lange Lostraat / Rozenweg en Jan Davidstraat goed te keuren.
Art. 2. Machtigt Klaas Gutschoven als algemeen directeur en Davy Suffeleers als waarnemend burgemeester (of hun plaatsvervangers) om deze samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
De samenwerkingsovereenkomst tussen tussen Fluvius en de gemeente Lubbeek voor de riolerings-, infrastructuur- en onderhoudswerken Lostraat-Holleweg-Slijkstraat en Zoutrootjesstraat wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.
Fluvius heeft volgende rioleringsprojecten opgestart:
R6522 Holleweg-Slijstraat-Lostraat
R6549 Zoutrootjesstraat
Gemeente Lubbeek wenst infrastructuurwerken of onderhoudswerken uit te voeren aan deze wegen.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 40 en 41 houdende bevoegdheden van de gemeenteraad, artikel 56 houdende bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen en artikels 41, 56, 78, 84 met betrekking tot occasionele gezamelijke opdrachten.
Het besluit van de gemeenteraad van 25 februari 2025 houdende vaststelling van het begrip dagelijks bestuur en regeling visum financieel directeur.
De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen.
Het Bestuursdecreet van 7 december 2018.
Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016, meer bepaald artikel 48 met betrekking tot occasionele gezamelijke opdrachten.
Gemeente Lubbeek heeft de volgende acties opgenomen in het meerjarenplan:
Prioritaire actie 2.1.05. Fluviusproject kruispunt Holleweg-Slijkstraat-Lostraat
SDG 6 – Schoon water en sanitair, SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur en SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen
Het project omvat het uitvoeren van wegenis- en rioleringswerken in een bepaald gebied. Hierbij worden de bestaande infrastructuren vernieuwd of uitgebreid. In totaal zullen 94 inwonerequivalenten (IE) op de nieuwe riolering worden aangesloten. In de zone waar de rioleringswerken uitgevoerd worden, zal het wegdek en fietspad heraangelegd worden.
Prioritaire actie 2.1.06. Fluviusproject Zoutrootjesstraat
SDG 6 – Schoon water en sanitair, SDG 9 – Industrie, innovatie en infrastructuur en SDG 11 – Duurzame steden en gemeenschappen
De aanleg van de riolering is nodig om afvalwater van 48 inwonersequivalenten (IE) correct af te voeren. Hierdoor wordt het afvalwater na de werken aangesloten op een zuiveringsinstallatie. Het project draagt bij aan een duurzamer en milieuvriendelijker watersysteem. Dit project beperkt zich tot opbraak en herstel van de weg.
Fluvius heeft beide projecten opgedragen bij VMM, voor beide projecten is het technische concept goedgekeurd.
Voorafgaand aan de infrastructuurwerken voor deze projecten moet een ontwerpdossier moet worden opgemaakt.
De verschillende partijen, zijnde Fluvius en gemeente Lubbeek, zijn van oordeel dat de verschillende overheidsopdrachten die hieruit voortvloeien (diensten en werken) in het algemeen belang dienen te worden samengevoegd.
De modaliteiten van de samenvoeging van deze opdrachten zijn vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
De samenwerkingsovereenkomst wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de bevoegde organen van de verschillende partijen, waarna deze kan ondertekend worden.
De uitgave is voorzien in de meerjarenplanning 2026-2031 onder het budgetjaar 2026 en volgende.
| Budgetcode |
2.1.05/0200-01/***/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN 2.1.06/0200-01/***/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN |
| Omschrijving |
Wegen - Activa in aanbouw |
| Actie |
2.1.05 Fluviusproject Holleweg-Slijkstraat-Lostraat 2.1.06 Fluvius project Zoutrootjesstraat |
| Beleidsitem |
0200-01 Wegen |
| Algemene rekening |
2140007 Plannen en studies - Activa in aanbouw 2202007 Wegzate 2240007 Wegen - Acitiva in aanbouw 6130003 Honoraria vrije beroepen |
| Investeringsproject |
IP-Geen |
| Beschikbaar krediet |
MJP 2026-2031 – 2.1.05 - €209.000 MJP 2026-2031 – 2.1.06 - €44.130 |
Artikel 1. De samenwerkingsovereenkomst tussen Fluvius en de gemeente Lubbeek voor de riolerings-, infrastructuur- en onderhoudswerken Lostraat-Holleweg-Slijkstraat en Zoutrootjesstraat goed te keuren.
Art. 2. Machtigt Klaas Gutschoven als algemeen directeur en Davy Suffeleers als waarnemend burgemeester (of hun plaatsvervangers) om deze samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
De stuurgroep van de interlokale vereniging ‘Hartje Hageland WEST’ keurde in de zitting van 18 maart 2026 het jaarverslag met bijhorend financieel verslag van het werkingsjaar 2025 goed.
Het jaarverslag bevat een overzicht van de gerealiseerde activiteiten zoals opgenomen in:
Het financieel verslag geeft een overzicht van de inkomsten en uitgaven verbonden aan de werking van het intergemeentelijk samenwerkingsverband gedurende het werkingsjaar 2025.
Conform de statuten van de interlokale vereniging dient het jaar- en financieel verslag ter goedkeuring aan de gemeenteraad te worden voorgelegd.
Wonen in Vlaanderen en de provincie Vlaams-Brabant evalueren jaarlijks de werking en de behaalde resultaten van het samenwerkingsverband. Deze evaluatie gebeurt aan de hand van:
Op 29 april 2026 ontving de interlokale vereniging de evaluatienota van Wonen in Vlaanderen. Hieruit blijkt dat zowel de basisactiviteiten als de aanvullende activiteiten positief werden geëvalueerd.
Voor de aanvullende activiteit AA1_3, met name het uitwerken en toepassen van een instrument dat alternatieve woonvormen mogelijk maakt, werden geen subsidies meer toegekend. De toepassing van het instrument ‘zorgwonen’ was enkel subsidieerbaar gedurende de periode 2020-2022. Aangezien aan deze activiteit nadien geen alternatieve invulling werd gegeven, werd een subsidievermindering toegepast.
Bij de opmaak van de financiële planning voor de periode 2020-2025 werd reeds rekening gehouden met deze subsidievermindering. Hierdoor heeft deze vermindering geen impact op de financiële afrekening van het werkingsjaar 2025.
Aangezien alle vooropgestelde doelstellingen werden gerealiseerd en de maximaal mogelijke subsidies werden ontvangen, kan het werkingsjaar 2025 worden afgesloten met een positief saldo van 592,46 euro.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Enig artikel. De gemeenteraad keurt het jaarverslag en het financieel verslag 2025 van het IGS Hartje Hageland WEST goed.
Het huishoudelijk reglement van de gecororaad wordt aan de gemeenteraad voorgelegd ter goedkeuring.
Het reglement bevat de afspraken inzake de werking, organisatie en procedures van de GECORO (gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening).
Door de nieuwe samenstelling van de gecororaad van de huidige legislatuur, wordt het huishoudelijk reglement van de GECORO (gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening) hernieuwd.
Het reglement zit vervat in de bijlage van dit agendapunt. De aanpassingen (toevoeging) zijn eveneens gemarkeerd in een aparte bijlage.
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 19 mei 2000 betreffende de organisatie en werkwijze van de provinciale en gemeentelijke commissies voor ruimtelijke ordening
Het is aangewezen de gemeenteraad het huishoudelijk reglement laten goed te keuren, zodat de werking en interne afspraken van de GECORO (gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening) worden meegedeeld.
Er zijn geen financiële gevolgen.
Enig artikel. Goedkeuring van het hernieuwd huishoudelijk reglement van de GECORO (gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening).
Wordt ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad: toetreding tot de raamovereenkomst, met Defibrion via aankoopcentrale CREAT voor het onderhoud van AED's, voor een geraamd bedrag van 71,00 euro (excl. btw) per AED per jaar.
Er wordt voorgesteld toe te treden tot de raamovereenkomst, in bijlage, met Defibrion via aankoopcentrale CREAT voor het onderhoud van AED's.
Informatie over het contract:
Looptijd
Publicatiedatum: 1 februari 2023
Start overeenkomst: 1 september 2023
Einde overeenkomst: 31 augustus 2027
Omschrijving van de opdracht
Leverancier
Defibrion, BC Waasland Industrie- West 75, 9100 Sint-Niklaas
Instappen en bestellen
De Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikel 56, betreffende de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen
Er wordt voorgesteld toe te treden tot de raamovereenkomst met Defibrion via aankoopcentrale CREAT voor het onderhoud van AED's, voor een geraamd bedrag van 71,00 euro (excl. btw) per AED, per jaar. Dit is qua prijs gunstiger dan de huidige overeenkomst. Het gaat over dezelfde firma en dezelfde AED's. Er moeten dus geen nieuwe toestellen aangekocht worden.
De uitgave is voorzien in de meerjarenplanning 2026-2031 onder het budgetjaar 2026:
| code |
2026/GBB/0119-06/6103000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN |
| Omschrijving |
Benodigdheden voor onderhoud en herstelling voor gebouwen |
| Actie |
GBB |
| Beleidsitem |
0119-06 |
| Algemene rekening |
6103000 |
| Investeringsproject |
IP-GEEN |
|
|
|
| Raming uitgavekrediet |
50.000,00 euro |
| Beschikbaar krediet |
-658,18 euro |
| Voorziene raming/kostprijs/… |
71,00 euro (excl. btw) per AED |
|
|
|
| Aannemer/Leverancier/Instantie |
Defibrion (via CREAT) |
|
|
|
De uitgave is voorzien in de meerjarenplanning 2026-2031 onder het budgetjaar 2026:
| code |
2026/GBB/0119-06/2210000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN |
| Omschrijving |
Gebouwen - gemeenschapsgoederen |
| Actie |
GBB- Verrichtingen zonder beleidsdoelstelling |
| Beleidsitem |
0119-06 Dienst van de gebouwen |
| Algemene rekening |
2210000 |
| Investeringsproject |
IP-GEEN |
|
|
|
| Raming uitgavekrediet |
€ 25.000,00 |
| Beschikbaar krediet |
€ 5.148,32 |
| Voorziene raming/kostprijs/… |
€ 71,00 (excl.btw) per AED |
|
|
|
| Aannemer/Leverancier/Instantie |
Defibrion (via CREAT) |
|
|
|
Artikel 1.Verleent goedkeuring aan de Dienst Patrimonium om nodige stappen te ondernemen om toe te treden tot de raamovereenkomst met Defibrion via aankoopcentrale CREAT voor het onderhoud van AED's, voor een geraamd bedrag van 71,00 euro (excl. btw) per AED per jaar.
Art. 2. Machtigt Klaas Gutshoven, algemeen directeur en Davy Suffeleers, waarnemend burgemeester of hun plaatsvervangers om het onderhoudscontract, in bijlage, te ondertekenen.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om het rooilijnplan tot gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26 te Pellenberg, opgesteld door landmeter Geert Menten voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3290 Diest, voorlopig vast te stellen.
Het schattingsverslag ter bepaling van de meerwaarde/minwaarde naar aanleiding van de gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26, opgesteld door landmeter Frederik Maris, voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3210 Diest, wordt ook voorlopig vastgesteld.
Het voorstel tot gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26 te Pellenberg, werd afgetoetst aan de principes van de artikels 3 en 4 van het decreet houdende de gemeentewegen.
Buurtweg 26 te Pellenberg is de verbinding tussen de Oude Lubbeekse Baan en de Lastberg. Deze voetweg kreeg een geel naamplaatje kreeg van de provincie (Pottaerdestraat).
Vanaf de Lastberg is dit een onverharde weg bestaande uit kiezel en grind, toegankelijk voor voertuigen tot aan de woning Lastberg nr 40.
Voorbij deze woning gaat het over in een bospad, deels vlonderpad, om te sluiten op de Oude Lubbeeksebaan.
Algemeen is de voetweg open en toegankelijk voor voetgangers. Voor ruiters stelt zich een probleem.
In de zomer van 2025 werd het vlonderpad, dat in erg slechte staat was, verwijderd. De funderingsvoetjes van het oude vlonderpad werden behouden zodat het nieuwe vlonderpad eenvoudig kan geplaatst worden. Dat zal in de loop van 2026 gebeuren. Om ook ruiters de ruimte te geven om deze buurtweg te gebruiken, wordt ervoor gekozen om de rooilijn van de buurtweg zo vast te leggen dat het vlonderpad zich aan de linkerkant van de weg bevindt (Komende van de Lastberg richting Oude Lubbeeksebaan). Op die manier is er aan de rechterkant ruimte voor ruiters. De struiken en ondergroei moet regelmatig gesnoeid worden zodat de buurtweg over de volledige breedte toegankelijk blijft.
Het tracé van de nutsleidingen start aan Lastberg nummer 40 en loopt over buurtweg 26 naar het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan, waar deze naast het doorsteekwegje de helling volgen tot aan de Hoogstepuntlaan. Verder op het tracé van buurtweg 26 bevinden zich geen nutsleidingen. De verlegging van het tracé zorgt er niet voor dat nutsleidingen op privédomein komen te liggen.
Het gemeentelijk wegennet wordt doorgaans opgebouwd met grote verharde wegen die als ruggengraat fungeren, waardoor de gemeente in verschillende grote mazen wordt verdeeld. Binnen deze mazen behouden we trage wegen waarbij we streven naar een verbinding in zowel de noord-zuid als de oost-west richting. Deze trage wegen dienen als secundaire routes en zorgen voor een fijnmazig netwerk, waardoor bewoners gemakkelijker toegang hebben tot verschillende delen van de gemeente zonder afhankelijk te zijn van de hoofdwegen.
We kiezen ervoor om de bestaande wegen zo veel mogelijk te behouden. Waar nodig worden ze verlegd, zoals hier deels het geval is om de situatie op het terrein en de juridische situatie op elkaar af te stemmen; en waar het niet langer mogelijk is worden ze opgeheven. Dat is hier niet het geval. Waar we kunnen, creëren we nieuwe trage verbindingen.
Een fijnmazig routenetwerk voor voetgangers is een cruciaal onderdeel van een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid. De herwaardering van deze buurtweg komt tegemoet aan de behoefte van zachte mobiliteit.
Buurtweg 26 is in het gemeentelijk actieplan opgenomen met als doel: Te onderhouden.
De buurtweg is reeds zichtbaar op de Ferrariskaart van 1777 en werd eveneens opgenomen in de Atlas der Buurtwegen, met een breedte van 3,30m. Ook op de Vandermaelenkaart van 1846-1854 en de Popp-kaart van 1842-1854 is de buurtweg te zien. De buurtweg is dus eeuwen oud en staat ook bekend als Pottaerdestraat of Pottaerdestraet. Doorheen de tijd verlegde men het pad wel ter hoogte van de bocht waar het doorheen de tijd een meer afgeplat tracé volgt in plaats van de elleboogvorm te paard op de perceelsgrens. Het vlonderpad werd op dit nieuwe tracé gelegd. Een verlegging van het oorspronkelijke tracé in een rooilijnplan is nodig om de feitelijke toestand en de juridische toestand op elkaar af te stemmen.
Buurtweg 26 verbindt het hoogste punt van Pellenberg met de lager gelegen delen richting het UZ en de verbinding naar Leuven en Bierbeek. Het gaat om een trage verbinding die kadert in het beleid dat lokaal bestuur Lubbeek voert om een fijnmazig netwerk van trage wegen te behouden en te ontwikkelen op het grondgebied van de gemeente.
Buurtweg 26 is een belangrijke weg in het kader van recreatie. Zowel wandelaars, lopers, mountainbikers, gravelbikers als ruiters vinden al jaren hun weg langs de Pottaerdestraat richting de Oude Lubbeeksebaan. De laatste jaren wordt de doorgang wel bemoeilijkt doordat het vlonderpad in slechte staat is. Ruiters kunnen het vlonderpad niet gebruiken en zoeken alternatieve routes door het bos, wat een negatieve impact op de biodiversiteit heeft. Door het vlonderpad opnieuw aan te leggen en de rechterzijde van het pad (komende van de Lastberg naar de Oude Lubbeeksebaan) open te houden, zal de zachte recreatie hier opnieuw vlotter kunnen verlopen en wordt het bos gevrijwaard.
De omgeving waarin buurtweg 26 zich bevindt, is volledig bebost. De buurtweg is gelegen in Pellenberg, wat de hoogste van de Hagelandse heuvelruggen is. Deze heuvelruggen, ook gekend als Diestiaan heuvels, zijn bakens in het landschap. Van origine zijn het ijzerzandsteenbanken die een moeilijk erodeerbare kap in het landschap vormden die de randbanken tegen verdere erosie beschermden terwijl de sedimenten tussen de banken dieper werden geërodeerd. Na verloop van tijd zouden de erosiebestendíge Diestiaan zandbanken zich steeds hoger boven de tussenliggende depressies profileren. Zo zal Pellenberg het hoogste punt van het Hageland vormen. De Lastberg is deel van het plateau van Pellenberg en diens top reikt zelfs tot 106m boven de zeespiegel. Vandaar de latere verkaveling daar in de buurt, genaamd 'Hoogstepuntlaan.’
Aan de uiterst zuidelijke voorkomensgrens van de zanden van Diest liggen op de steilranden van het Plateau rond Pellenberg enkele gebieden die hoofdzakelijk uit bos bestaan: domein Hottat, Lastberg, Bollenberg, Kwade Schuur en Korenbos. Speciaal is hier de aanwezigheid van klei uit de tertiaire formatie van Boom, direct onder de zanden van Diest. Ter hoogte van de steilranden worden deze formaties dan doorsneden. Het grondwater dat zich in de zanden van Diest heeft verzameld, botst op de ondoorlatende klei en voedt aldus diffuse bronnen die aanleiding geven tot de aanwezigheid van specifieke bronbossen op en onderaan de hellingen.
De Lastberg heeft dus naar het zuiden toe een bijzondere steilrand. Aan deze steilrand dagzoomt onder andere de kleirijke formatie van Boom.
Dit alles verklaart waarom een deel van buurtweg 26, die zich lager bevindt op de heuvel, in natte seizoenen erg drassig en modderig wordt. Daarom werd in het verleden beslist om een vlonderpad te maken op het natste deel van de weg.
Volgens de biologische waarderingskaart is het gebied waarin buurtweg 26 gelegen is, biologisch zeer waardevol. Het bos bestaat voornamelijk uit eiken en beuken. Er werd op een deel van het tracé een natuurbeheerplan type 1 opgemaakt.
Het is van belang om de trage weg zo te behouden en in te richten dat de natuurwaarden niet geschaad worden. Daarom de keuze om het vlonderpad te herstellen en aan de rechterkant ervan ruimte voor ruiters te voorzien.
De buurtweg 26 verzekert een korte, veilige voetverbinding tussen de woonlinten rond de Lastberg/Hoogstepuntlaan en de Oude Lubbeeksebaan. Hij verhoogt de bereikbaarheid van de dorpskern en haltes van openbaar vervoer, wat winkel- en horecabezoek ondersteunt. Verder stimuleert de buurtweg recreatieve wandelingen en potentieel toerisme, met bestedingen in de lokale horeca. Na de aanpassing van de inrichting kan hij ook ruiters bedienen, wat de lokale vrijetijdseconomie versterkt. Tenslotte draagt hij bij aan de woonkwaliteit en de vastgoedwaarde in de onmiddellijke omgeving.
Doordat buurtweg 26 enkel toegankelijk is voor trage weggebruikers, is het een veilige manier om van het hoogst gelegen deel van Pellenberg richting de lager gelegen delen van het dorp te geraken. Bij aanhoudende regenval kan een deel van de buurtweg wel modderig en nat zijn, ook buiten het deel waar het vlonderpad opnieuw zal gelegd worden. Gemotoriseerd verkeer is er niet toegelaten.
Voetweg 26 ligt in de bosrijke omgeving ten oosten van de dorpskern van Pellenberg. Volgens het gewestplan Leuven (7/4/1977) ligt deze voetweg deels in natuurgebied (code 00_0701) en deels in woonpark (code 00_0104).
Het natuurgebied heeft ook de overdruk Artikel 9 Zone voor landbouwlandschap (overdruk) uit het gemeentelijk RUP Zonevreemde woningen in kwetsbare gebieden. Het RUP is van toepassing op bestaande, niet-verkrotte, hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte gebouwen met een residentiële functie, op de erbij horende hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte woningbijgebouwen en op het terrein waarop ze gelegen zijn.
Buurtweg 26 in Pellenberg werd niet opgenomen in de dading met de heer Van Damme als te behandelen weg.
Buurtweg 26 te Pellenberg werd opgenomen in het trage-wegen actieplan. In het trage wegen actieplan werd voorgesteld om de weg 26 te onderhouden.
Door het tracé van de historische buurtweg te verleggen naar het tracé zoals voorgesteld op het rooilijnplan, worden de reële situatie op het terrein en de juridische situatie op het plan, gelijkgeschakeld. Door de definitieve vaststelling van het rooilijnplan op het huidige tracé kan lokaal bestuur Lubbeek het onderhoud voor zijn rekening nemen, het vlonderpad herstellen en de rechterzijde van de buurtweg ter hoogte van het vlonderpad vrijmaken zodat ook ruiters het pad kunnen gebruiken en niet meer door het bos rijden.
Alle eigenaars met percelen in of aan de huidige of toekomstige rooilijn, werden aangeschreven en hun akkoord werd gevraagd over het tracé en de door de beëdigd schatter bepaalde meer- en minwaarden voor hun perceel.
In lijn met het gemeentewegendecreet en het eigen gemeentelijk beleidskader wordt de rooilijn van buurtweg 26 op het tracé zoals het vandaag gebruikt wordt, voorlopig vastgesteld, zoals bepaald in het rooilijnplan van de beëdigde landmeter.
Landmeter Frederik Maris, landmeter-expert (uniek identificatienummer schatter- expert Vlaamse belastingdienst (005194294830) beëdigd schatter voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3390 Diest, bezorgde het schattingsverslag d.d.17 maart 2026, ter bepaling van de meer/minwaarde bij de gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26.
De financiële impact van de procedurele aspecten van dit dossier omvatten verder de dossierkosten voor de opmaak van het planmateriaal en de opmaak van het schattingsverslag, en de kosten voor bekendmaking van het openbaar onderzoek en de genomen beslissingen.
Artikel 1. Het rooilijnplan tot gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26 te Pellenberg, opgesteld door landmeter Geert Menten voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3290 Diest, voorlopig vast te stellen. De gemeenteraad gaat principieel akkoord om buurtweg 26 te Pellenberg, gedeeltelijk te verplaatsen zoals weergegeven op het rooilijnplan.
Art. 2. Het schattingsverslag ter bepaling van de meerwaarde/minwaarde naar aanleiding van de gedeeltelijke verplaatsing van buurtweg 26 voorlopig vast te stellen. De gemeenteraad gaat principieel akkoord met de voorgestelde berekening van de meer- en minwaarden.
Art. 3. Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de verdere afhandeling van de procedure overeenkomstig artikel 17§2 van het decreet houdende de gemeentewegen.
Aan de gemeenteraad wordt voorgesteld om het rooilijnplan van het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan te Pellenberg, opgesteld door landmeter Geert Menten voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3290 Diest, voorlopig vast te stellen.
Het voorstel van rooilijnplan voor het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan te Pellenberg, werd afgetoetst aan de principes van de artikels 3 en 4 van het decreet houdende de gemeentewegen.
Of de vestiging van de voorgenoemde gemeenteweg rekening houdt met de principes zoals opgenomen in artikels 3 en 4 van het decreet gemeentewegen werd getoetst aan volgende criteria:
Het gemeentelijk wegennet wordt doorgaans opgebouwd met grote verharde wegen die als ruggengraat fungeren, waardoor de gemeente in verschillende grote mazen wordt verdeeld. Binnen deze mazen behouden en creëren we trage wegen waarbij we streven naar een verbinding in zowel de noord-zuid als de oost-west richting. Deze trage wegen dienen als secundaire routes en zorgen voor een fijnmazig netwerk, waardoor bewoners gemakkelijker toegang hebben tot verschillende delen van de gemeente zonder afhankelijk te zijn van de hoofdwegen.
We kiezen ervoor om de bestaande wegen zo veel mogelijk te behouden. Waar nodig worden ze verlegd en waar het niet langer mogelijk is worden ze opgeheven. Daarnaast kiezen we voor de creatie van nieuwe trage wegen op die plaatsen waar het netwerk van wegen nog niet fijnmazig genoeg is.
Een fijnmazig routenetwerk voor voetgangers is een cruciaal onderdeel van een duurzaam lokaal mobiliteitsbeleid. De vastlegging van deze voetweg komt tegemoet aan de behoefte van zachte mobiliteit.
Het gaat in deze procedure niet over een verplaatsing, wijziging of opheffing maar om de vaststelling van een nieuwe trage weg, namelijk de voetweg doorsteekwegje Hoogstepuntlaan.
Deze voetweg is in het gemeentelijk actieplan opgenomen als een categorie 2. weg, met als doel: te openen en te onderhouden. Met deze procedure willen we net dat officialiseren.
Het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan ligt in het verlengde van het openbaar domein aan de Hoogstepuntlaan, waar een smalle strook openbaar domein het bos inloopt en overgaat in het doorsteekwegje op privédomein (perceel 15F). De voetweg is toegankelijk voor trage weggebruikers, voornamelijk wandelaars en lopers. Recent werden er aan de rand van het bos, op openbaar domein, en onderaan het doorsteekwegje, toegangspoortjes in hout geplaatst. Het doorsteekwegje wordt veelvuldig gebruikt door trage weggebruikers. Het is toegankelijk.
Afbeelding 1: Situering ligging doorsteekwegje
Afbeelding 2: Situering perceelligging doorsteekwegje in het verlengde van lange strook openbaar domein Hoogstepuntlaan
Afbeelding 3: toegangspoortje op openbaar domein Afbeelding 4: toegangspoortje onderaan het doorsteekwegje, op privédomein
Afbeelding 5: Doorsteekwegje huidige toestand
In 2022 werd het dertigjarig gebruik van de voetweg officieel vastgelegd door de gemeenteraad, na een verzoekschrift en getuigenissen van burgers. Het doorsteekwegje lijkt ontstaan te zijn nadat de verkaveling aan de Hoogstepuntlaan gerealiseerd werd. Hoewel het wegje niet in de Atlas der Buurtwegen voorkomt, is het in het recentere verleden toch een belangrijke verbindingsweg en recreatieweg gebleken. Het vormt eveneens een trage verbinding naar de nieuwe locatie van de school in Pellenberg, op het domein van het UZ.
De voetweg vormt een trage verbinding naar de nieuwe locatie van de school in Pellenberg, op het domein van het UZ, zoals duidelijk wordt op het onderstaande plan. Daarnaast vormt de weg een verbinding voor de bewoners van het hogerliggende deel van Pellenberg richting het lager gelegen deel en richting de as Leuven-Tienen langs de Ganzendries. De voetweg sluit rechtstreeks aan op de voetweg 26.
Uit de getuigenissen van de omwonenden die deel uitmaakten van de verzoekschriften tot vaststelling van dertigjarig gebruik, blijkt dat de voetweg zeer frequent gebruikt wordt door lopers, wandelaars en in het verleden ook door mountainbikers en ruiters. Omwille van de steile ligging en de erosiegevoeligheid van het talud, werden er toegangspoortjes geplaatst zodat de toegang in de toekomst beperkt zal blijven tot wandelaars en lopers.
De voetweg is gelegen in woonparkgebied (bovenste stuk) en natuurgebied. Het geheel is bebost. Op de biologische waarderingskaart is het gebied ingekleurd als biologisch zeer waardevol, eiken-haagbeukenbos. De voetweg bevindt zich in natura2000-gebied. Door de zachte recreatie die er toegelaten wordt, is de impact van het doorsteekwegje op de omgeving, minimaal. De voetweg zal ook in de toekomst niet verhard of verlicht worden. Hij zal wel onderhouden worden zodat deze steeds toegankelijk is.
Het economische belang van de voetweg is beperkt. Het versterken van het recreatief netwerk is goed voor de lokale toeristische sector.
Naast de voetweg bevinden zich nutsleidingen die de Lastberg 40 bedienen en aansluiten op de Hoogstepuntlaan. Hiervoor wordt tussen de eigenaars en Fluvius een private erfdienstbaarheid afgesloten.
Vermits enkel voetgangers en lopers gebruik kunnen maken van het doorsteekwegje, is dit een zeer veilige route voor de zwakke weggebruikers. In periodes met veel regenval, kan het wegje wel glad zijn vermits het op een helling ligt en het water langs de bedding naar beneden loopt.
De voetweg is volgens het gewestplan gelegen in woonparkgebied (bovenste stuk) en natuurgebied. Volgens het gemeentelijk RUP Zonevreemde woningen in kwetsbare gebieden, ligt de voetweg voor het grootste deel in een (overdruk) zone voor landbouwlandschap.
Het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan werd niet opgenomen in de dading met de heer Van Damme als te behandelen weg.
Het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan werd opgenomen in het trage-wegen actieplan als een weg van categorie 2: te behandelen na 2025.
De weg werd opgenomen in de wenselijkheidskaart die Trage Wegen vzw opmaakte in 2012. Hij is er gekend als weg 8c met als actievoorstel: open te maken en te onderhouden.
In verband met het doorsteekwegje werd er tussen de gemeente Lubbeek en de eigenaars van de grond waarop de weg loopt, een dading afgesloten. Daarin wordt afgesproken om de weg vast te stellen, te openen en te onderhouden.
Zodoende kadert de weg in het tragewegenbeleid van de gemeente, om zinvolle trage verbindingen te creëren en vast te stellen, over het volledige grondgebied.
De gemeente Lubbeek wenst een bijkomende trage verbinding te creëren op het tracé, door de rooilijn van het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan officieel als gemeenteweg te erkennen, met een publieke erfdienstbaarheid van doorgang. Het tracé zal in gelijkaardige staat blijven zoals het nu is: een onverharde verbinding voor wandelaars en joggers. Aan de twee toegangen tot de weg worden daarom toegangspoortjes in streekeigen materiaal voorzien. De voetweg zal regelmatig onderhouden worden door de gemeente, dit zullen voornamelijk snoei- en maaiwerkzaamheden zijn.
Met de eigenaars van het perceel waarop het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan gelegen is, werd meermaals overlegd. Bovendien werd er een dading afgesloten waarbij de gemeente zich engageert om het wegje officieel als trage weg vast te stellen en vervolgens te onderhouden. De modaliteiten werden in de dadingsovereenkomst vastgelegd. Er zijn van beide zijden geen kosten of schadevergoedingen verschuldigd.
Rekening houdend met de hierboven aangehaalde argumenten is het duidelijk dat de voorgestelde vaststelling kadert in het beleid van de gemeente inzake trage verbindingen.
De voorgestelde vaststelling van de voetweg is niet strijdig met de doelstellingen en principes vermeld in artikels 3 en 4 van het decreet houdende de gemeentewegen
De financiële impact van de procedurele aspecten van dit dossier omvatten de dossierkosten voor de opmaak van het planmateriaal en de kosten voor bekendmaking van het openbaar onderzoek en de genomen beslissingen.
Landmeter Geert Menten, landmeter-expert (beëdigd door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Hasselt - Inschrijvingsnummer op de tableau van beoefenaars: LAN 061263) bezorgde het grafisch plan ter vastlegging van de rooilijn van het Doorsteekwegje Hoogstepuntlaan d.d. 17/06/2026.
Artikel 1. Het rooilijnplan van het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan te Pellenberg, opgesteld door landmeter Geert Menten voor landmeterskantoor Intertopo, Halensebaan 68B, 3290 Diest, wordt voorlopig vastgesteld. De gemeenteraad gaat principieel akkoord om het doorsteekwegje Hoogstepuntlaan te Pellenberg, vast te stellen zoals weergegeven op het rooilijnplan.
Art. 2. Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de verdere afhandeling van de procedure overeenkomstig artikel 17§2 van het decreet houdende de gemeentewegen.
De voorzitter sluit de zitting op 11/08/2026 om 21:50.
Namens commissie beleidsdomeinen,
Marijke Sué
Secretaris - waarnemend
Hilke Verheyden
Voorzitter